Klinisch redeneren : 6 stappen volgens Marc Bakker

Klinisch redeneren
1 / 42
next
Slide 1: Slide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 2

This lesson contains 42 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Klinisch redeneren

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Leerperiode 4
  • Nog maar 8 lessen!
  • 14 april bezoek 'Huis van Morgen'
  • Huiswerkopdrachten
  • Toets

Is er nog iets om te delen?

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Opdracht medisch onderzoek

'Feedback op tournee'

De gemaakte infographics liggen door het lokaal. 
Loop met je groep langs de infograpics, 
lees deze aandachtig. 
Noteer aanvullingen en vragen.
Tijd: 15 minuten


Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Opdracht medisch onderzoek

'Feedback op tournee'
Wat neem jij mee naar de praktijk

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Lesdoelen
  • Je omschrijft wat klinisch redeneren betekent.
  • Je herkent de verschillende stappen van klinisch redeneren.
  • Je benoemt de meetinstrumenten die je kunt gebruiken            tijdens het klinisch redeneerproces.

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Klinisch redeneren
= de vaardigheid om eigen observaties en interpretaties aan medische kennis te koppelen 
om zodoende te beredeneren welke stappen 
je moet nemen tijdens je handelen.

"Ontwikkelen klinische blik"



Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Waarom?

Interventies 
Vervolgstappen nemen
Handelen in onvoorziene situaties
Keuzes verantwoorden

Structuur * Houvast * Eenduidigheid

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

6 stappen klinisch redeneren
  1. Oriëntatie op de situatie - klinisch beeld
  2. Klinische probleemstelling
  3. Aanvullend onderzoek
  4. Klinisch beleid
  5. Klinisch verloop
  6. Evaluatie






Slide 8 - Slide

This item has no instructions

Stap 1 Oriëntatie op de situatie
Er is iets aan de hand!
  • Hoe ziek is iemand?
  • Wat zijn de patronen in klachten en symptomen? 
       Toename klachten, eerder gehad, wat gedaan om te verminderen.
  • Medische voorgeschiedenis
  • Medicatie
  • Leefwijze zorgvrager
  • Hoe urgent en ernstig is de situatie? Vitale parameters
  • Wat denk je dat er aan de hand is? Differentiaal diagnoses
  • Beslissen of je de arts moet informeren


SBAR
situatie (S)
achtergrond (B)
beoordeling (A)
aanbeveling (R)

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

EWS
= Early Warning Score

Verslechtering van de patiënt vroegtijdig signaleren
Niet-pluisgevoel
Spontaan opkomend, alarmerend gevoel van alertheid dat het resultaat is van intuïtieve kennis. 

Kennis en ervaring verpleegkundige.

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

ABCDE - methode
  • Methode van observeren
  • Soms wordt hiermee gerapporteerd
  • 'Treat first what kills first'

Slide 11 - Slide

 Met andere woorden: behandel eerst de primaire (levensbedreigende), dan de secundaire en tertiaire (niet-direct c.q. niet-levensbedreigende) letsels en stoornissen.
ABCDE - methode
Airway- Ademweg  
Breathing -Ademhaling
Circulation- Circulatie
Disability - Bewustzijn
Exposure- Omgevingsfactoren 

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

EMV
  • In 1974 ontwikkeld.
  • Bewustzijn objectief te     beoordelen.
  • Ook wel Glascow Coma Scale   genoemd
  • Score minimaal 3 maximaal 15
  • Bij score <8 indicatie beademing

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Glasgow Coma Scale - EMV

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

AVPU
  • Verkorte bewustzijnsscore
  • Pijnprikkel op het nagelbed,                voorhoofd, sternum.
  • A - Alert
  • V - Verbaal
  • P - Pijn
  • U - 'Unresponsive' =                              NIET reagerend

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Beïnvloedende factoren
  • Onder invloed van alcohol/sederende middelen
  • Hypotensie/shock
  • Geen adequate respiratie
  • Temp <33
  • Metabole stoornissen

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

Stap 2 Klinische probleemstellingen
Je bedenkt wat er aan de hand kan zijn bij de zorgvrager, wat de gevolgen van de verandering in de (gezondheids)situatie zijn voor het leven van deze zorgvrager en wat mogelijke problemen kunnen zijn.



Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Stap 2 Klinische probleemstellingen
  • Wat is er aan de hand in het lichaam?
  • Welke orgaansystemen zijn betrokken?
  • Problemen in kaart brengen
  • Kennis van ziektebeelden is belangrijk
  • Gewenst/ongewenst

Slide 18 - Slide

In deze stap zijn de zorgthema s belangrijk:

Beschreven in de ICF classificatie van de WHO

Er zijn er 12: 
Ademhaling
circulatie
vocht en elektrolytenbalans
bloed
neurologisch systeem
thermoregulatie
afweersysteem...

Elk van deze onderdelen heeft een paar deelonderdelen

In deze casus met name nr voor ademhaling:

 luchtwegen
- ademprikkel
- ademarbeid
- diffusie
- perfusie


Stap 3 Aanvullend klinisch onderzoek
  • Zijn er aanvullende onderzoeken nodig? Welke?
  • Urgentie onderzoek 
  • Bevestiging probleemstelling
  • Kan ik deze aanvullende onderzoeken zelf doen of moet dit in overleg            met of na toestemming van een andere discipline?
  • Gezondheidstoestand zorgvrager blijven monitoren

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Stap 3 Aanvullend klinisch onderzoek
  • Aantonen van de ziekte/gevolgen
  • Verantwoordelijkheid van de arts
Denk aan; 
- röntgenfoto
- echografie 
- ECG
- bloedonderzoek 
- enz.

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Stap 4 Klinisch beleid
  • Interventies starten
  • Klinische overwegingen 
  • Prioriteiten - Wat eerst?!
  • Bewaking vitale functies
  • Inlichten en begeleiden zorgvrager
  • Disciplines 

Slide 21 - Slide

This item has no instructions

Stap 4 Klinisch beleid

In deze stap formuleer je;
  •  Verpleegkundige diagnosen
  •  Verpleegkundige doelen
  •  Verpleegkundige interventies

Slide 22 - Slide

This item has no instructions

Stap 5 Klinisch verloop
Wat je kunt verwachten bij de patiënt
  • Complicaties
  • Risico's
  • Bijwerkingen van medicatie

Slide 23 - Slide

This item has no instructions

Stap 5 Klinisch verloop
Op het moment dat je bij het observeren weer een probleem tegenkomt (bijvoorbeeld een nabloeding na een chirurgische ingreep), begin je voor dat probleem weer bij stap 1 van klinisch redeneren.

Alles leg je vast in de rapportage

Slide 24 - Slide

This item has no instructions

Stap 6 Evaluatie
  • Veiligheid zorgvrager
  • Kwaliteit van zorg
  • Ethische dilemma's
  • Wat heb je geleerd? Reflecteer op eigen handelen

Slide 25 - Slide

This item has no instructions

SBARR
  • Instrument 
  • Snel en compleet communiceren
  • Medische overdracht
  • Bevordert samenwerking
  • Patiëntveiligheid
  • Zorgt ervoor dat er geen essentiële informatie   verloren gaat

Slide 26 - Slide

 over een mogelijk, bedreigende situatie
Voordelen SBARR
  • Consequente informatie overdracht.
  • Door stappenplan gedwongen de situatie goed te                           analyseren.
  • Arts krijgt completer beeld; kan adequater                   reageren.
  • Kwaliteit van zorg en teamsamenwerking nemen toe.

Slide 27 - Slide

inhoud verbetert, overdracht wordt korter (overdracht en slechte communicatie = risicomoment)
Verklaring SBARR

Slide 28 - Slide

This item has no instructions

I= Identification
  • Naam
  • Functie
  • Afdling
  • Locatie
  • Zorgvrager identificeren: Naam en geboortedatum
  • Reden van je gesprek

Slide 29 - Slide

This item has no instructions

S =Situation

De situatie:

  • Wat is er aan de hand?
  • Wat is er gebeurd?
  • Wat is de ernst van je oproep?


Slide 30 - Slide

This item has no instructions

B=Background

De achtergrond:

  • Allergieën
  • Medicatie(lijst
  • Past - voorgeschiedenis
  • Opnamediagnose
  • Laboratoriumuitslagen


Slide 31 - Slide

This item has no instructions

Slide 32 - Slide

This item has no instructions

A=Assessment

Beoordeling:

  • Wat is de eigen beoordeling over de situatie? 
  • Wat denk je zelf wat er aan de hand zou kunnen zijn? 
  • Geef eventueel de ews score + de laatste vitale functies
  • Parameters 
  • EWS + ABCDE-methode erbij

Slide 33 - Slide

This item has no instructions

A=Assessment

Slide 34 - Slide

This item has no instructions

R=Reccommendation

Aanbeveling:

  • Wat is de aanbeveling van jou? 
  • Wat wil je dat er gaat gebeuren? 
  • Wil je dat de arts komt? 
  • Moet er medicatie gewijzigd worden?

Slide 35 - Slide

This item has no instructions

R= 'Repeat'

Herhaal

De aanbeveling om zo eventuele fouten te voorkomen.


Bijvoorbeeld: 'Dus als ik het goed begrijp, wil je dat ik een bloedsuiker prik en kom je daarna binnen 30 minuten bij de patiënt langs?'

Slide 36 - Slide

This item has no instructions

Aan de slag

Thieme Meulenhof

Klinisch redeneren n4

Individueel werken

Bestudeer de theorie en maak opdrachten

Slide 37 - Slide

This item has no instructions

Terugblik

Slide 38 - Slide

This item has no instructions

Lesdoelen
  • Je omschrijft wat klinisch redeneren betekent.
  • Je herkent de verschillende stappen van klinisch redeneren.
  • Je benoemt de meetinstrumenten die je kunt gebruiken tijdens het                 klinisch redeneerproces.

Slide 39 - Slide

This item has no instructions

Vooruitblik

Slide 40 - Slide

This item has no instructions

Huiswerk
Bestudeer van Thieme Meulenhoff; 
VVT1 - Module 3 Zorgvragers met een                                    psychogeriatrische aandoening.  
Hoofdstuk 9:  Zorgvragers met dementie - 
Hoofdstuk 10: Zorgvragers met dementie: zorg                                  en begeleiding.


Slide 41 - Slide

This item has no instructions




Fijne dag allemaal!
Geniet van de Dag!

Slide 42 - Slide

This item has no instructions