This lesson contains 21 slides, with interactive quizzes and text slides.
Lesson duration is: 35 min
Items in this lesson
D - K6 les 1
- Hoofdstuktoets 6 juni
- Mondeling in 2tallen (inplannen)
- Leestoets laatste les 27 juni
Slide 1 - Slide
Toets K6
- woorden
- grammatica hulpwerkwoorden
Slide 2 - Slide
Mondeling
voorbereiden in tweetallen
3x gesprek
1x uitspraak
Slide 3 - Slide
Leestoets
Oud examen vmbo-basis
Slide 4 - Slide
Modalverben (hulpwerkwoorden)
Wat zijn Modalverben?
Modale hulpwerkwoorden (modalverben) zijn hulpwerkwoorden die extra betekenis aan het hoofdwerkwoord toevoegen. Voorbeelden van modale hulpwerkwoorden in het Nederlands zijn: zullen, kunnen, mogen, moeten, willen
Slide 5 - Slide
Welke Modalverben zijn er?
dürfen - mogen (toestemming hebben))
mögen - leuk vinden, lusten, houden. van)
wissen - weten.
können - kunnen.
müssen - moeten.
sollen - moeten.
wollen - willen
Slide 6 - Slide
Slide 7 - Slide
Slide 8 - Slide
Wir (mogen)........heute länger aufbleiben
Slide 9 - Open question
Maxine .........(wissen) das Antwort nicht
Slide 10 - Open question
(können)........du deinen Regenschirm mitnehmen?
Slide 11 - Open question
Ich ......(mögen) den neuen Lehrer.
A
möchte
B
mögen
C
mag
D
magst
Slide 12 - Quiz
vertaal: wij kunnen zwemmen
Slide 13 - Open question
vertaal: ik mag spelen
Slide 14 - Open question
vertaal: jullie willen eten
Slide 15 - Open question
vertaal: u houd van ijs
Slide 16 - Open question
vertaal: ik weet veel
Slide 17 - Open question
vertaal: jij moet werken
Slide 18 - Open question
Is de grammatica over de Modalverben (hulpwerkwoorden) duidelijk?
ja, ik snap het
ja.,ongeveer
Nee. ik snap er niks van
Nee, ik heb meer uitleg nodig
Slide 19 - Poll
Met wie ga jij samen het mondeling doen?
Slide 20 - Open question
Ga bij de persoon zitten met wie jij het mondeling gaat voorbereiden.