B&L periode 10 les 1 herhaling doelstelling & planning (2021-2022)
B&L leerjaar 3
Periode 10
Opdracht 3 en 4 (inleveren 10 december)
Herhaling onderdelen voor KT1
Toets: leertheorieën (week van 9 december)
1 / 27
suivant
Slide 1: Diapositive
B&LMBOStudiejaar 3
Cette leçon contient 27 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.
La durée de la leçon est: 30 min
Éléments de cette leçon
B&L leerjaar 3
Periode 10
Opdracht 3 en 4 (inleveren 10 december)
Herhaling onderdelen voor KT1
Toets: leertheorieën (week van 9 december)
Slide 1 - Diapositive
Leerdoelen
Je kunt een concreet geformuleerde doelstelling voor je lessenserie en lessen formuleren
Je kunt een mesoplanning opstellen voor opdracht 4.
Slide 2 - Diapositive
Doelstelling
Slide 3 - Diapositive
Formuleren korte-termijn doelstellingen
Stap 1: beschrijf de bewegingsvorm (inhoud)
Stap 2: beschrijf het waarneembaar eindgedrag
Stap 3: beschrijf de voorwaarden of omstandigheden
Stap 4: beschrijf de minimumprestatie(s):
Kwalitatieve minimale eis (vaardigheid), en/of
Kwantitatieve minimale eis (meetbaar resultaat)
Slide 4 - Diapositive
Bewegingsvorm (stap 1)
De bewegingsvorm moet genoemd worden (inhoud)
Bewegingsvorm zo duidelijk mogelijk aangeven Beweging en de wijze waarop de beweging moet worden uitgevoerd noteren Gaat om de inhoud wat je wilt zien aan het einde van de les (inhoudsaspect van de doelstelling genoemd)
Slide 5 - Diapositive
Waarneembaar eindgedrag (stap 2)
Sprake zijn van waarneembaar eindgedrag
Gewenste eindgedrag moet waarneembaar (controleerbaar)
De doelstelling moet omschreven worden in een handeling van de deelnemer
Wordt ook wel gedragsaspect van de doelstelling genoemd
Slide 6 - Diapositive
Voorwaarden/omstandigheden (stap 3)
Aangeven onder welke voorwaarden of omstandigheden de groep/het individu het gewenste eindgedrag moet kunnen laten zien
Slide 7 - Diapositive
Minimale eis (stap 4)
Aangeven worden welke zogenaamde minimumprestatie(s) de lesgever als maatstaaf gebruikt:
Mate waarin de deelnemer het eindgedrag moet vertonen (grens tussen voldoende en onvoldoende)
Je moet formuleren wat de sb-deelnemer minimaal moet laten zien aan het eind van de les; dit kan:
Kwalitatieve minimale eis (vaardigheid), en/of
Kwantitatieve minimale eis (meetbaar resultaat)
Slide 8 - Diapositive
Voorbeelden
De deelnemers kunnende handstandoverslagop de lange mat met hulp uitvoeren, waarbij de armen gestrekt zijn en er wordt uitgeduwd vanuit de schouders.
de handstandoverslag = bewegingsvorm
kunnen uitvoeren = waarneembaar eindgedrag
op de lange mat met hulp = voorwaarden omstandigheden
de armen ... schouders = minimale eis (kwalitatief)
Slide 9 - Diapositive
Voorbeelden
De deelnemers kunnenlay-up demonstreren in een wedstrijd, waarbij er 5 van de 8 ingaan.
lay-up = bewegingsvorm
kunnen demonstreren = waarneembaar eindgedrag
in een wedstrijd = voorwaarden omstandigheden
5 van de 8 = minimale eis (kwantitatief)
Slide 10 - Diapositive
Voorbeelden
De deelnemers kunnende wreeftrapals voorzet toepassen, dat de bal over 20 meter op hoofdhoogte bij de medespeler komt.
wreeftrap = bewegingsvorm
kunnen toepassen= waarneembaar eindgedrag
als voorzet = voorwaarden omstandigheden
de bal ... medespeler komt = minimale eis (kwalitatief)
Slide 11 - Diapositive
Maak een concrete kwalitatieve doelstelling voor de bovenhandse techniek van volleybal.
Slide 12 - Question ouverte
Maak een concrete kwantitatieve doelstelling voor de bovenhandse techniek van volleybal.
Slide 13 - Question ouverte
Welke bewegingsvorm zou je willen aanleren/verbeteren in je lessenserie?
Slide 14 - Carte mentale
Onder welke voorwaarden/omstandigheden moeten de deelnemers deze bewegingsvorm kunnen?
Slide 15 - Carte mentale
Wat vind je dat ze minimaal moeten kunnen qua bewegingsvorm?
Slide 16 - Carte mentale
Probeer nu een doelstelling te formuleren voor je lessenserie.
Slide 17 - Question ouverte
Soorten planning
Macro (één of meerdere jaren)
Meso (themaplan, periodisering, lessenserie)
Micro (één les)
Slide 18 - Diapositive
Voorbeeld
Deelnemers: geen ski-ervaring
Einddoel: de deelnemers kunnen na 4 lesdagen pflug-bochten skiën op een blauwe piste, waarbij een hoog-laag beweging zichtbaar is en de hakken naar buiten worden geduwd in de pflug-houding.
Slide 19 - Diapositive
Voorbeeld
Verdeling
Lesdag 1: glijden in valllijn + remmen
Lesdag 2: remmen + draaien uit de vallijn
Lesdag 3: bochten op oefenpiste
Lesdag 4: bochten op blauwe piste
Formulier vervolgens per les een concreet geformuleerde doelstelling
Slide 20 - Diapositive
Opdracht 4
Bepaal het einddoel voor je lessenserie
Maak een plan hoe je naar dit einddoel toewerkt + formuleer per les de doelstelling
Bepaal welke bewegingsvormen je moet doen per les en werk dit uit in een tabel
Voor deze opdracht kies je vervolgens één les uit, die je uit gaat werken op het lesvoorbereidingsformulier, gaat geven en laat beoordelen.
Slide 21 - Diapositive
Wat wil je per les gaan aanbieden? Beschrijf kort de verdeling.
Slide 22 - Question ouverte
Voorbeeld
Les
Doel
Bewegingsvormen
Wijze van aanbieden
1
De deelnemers kunnen remmen in pflug op een beginnerspiste, waarbij ze binnen 2 meter stilstaan en de hakken tijdens de pflug houding naar buiten zijn gedraaid en de knieën over de punten van de ski's wijzen.
- warming-up
- wennen aan skimaterialen
- glijden in vallijn
- remmen in pflug
- remmen in pflug bij hoedjes
- klassikaal + opdrachtvorm
- klassikaal + opdrachtvorm
- stroomvorm + instructievorm
- stroomvorm + instructievorm
- stroomvorm + instructievorm
2
3
4
Slide 23 - Diapositive
En verder...
Eén les uitwerken op lesvoorbereidingsformulier (zie voor juiste format TEAMS).
Bespreek goed met je praktijkopleider wanneer je de les GAAT GEVEN en dat je praktijkopleider deze BEOORDEELT en dat je tijd hebt om na de les te EVALUEREN.
Slide 24 - Diapositive
Aan de slag
Opdracht 3 en 4
Slide 25 - Diapositive
Leerdoelen behaald?
Je kunt een concreet geformuleerde doelstelling voor je lessenserie en lessen formuleren
Je kunt een mesoplanning opstellen voor opdracht 4.