Formeel en informeel

Cursus 4
§4 Bouwstenen van taal
Log in op LessonUp
Neem je boek voor je 
op blz. 98
Voordat we gaan beginnen:
Welkom 1mha
1 / 16
suivant
Slide 1: Diapositive
NederlandsMiddelbare schoolmavo, havoLeerjaar 1

Cette leçon contient 16 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.

time-iconLa durée de la leçon est: 45 min

Éléments de cette leçon

Cursus 4
§4 Bouwstenen van taal
Log in op LessonUp
Neem je boek voor je 
op blz. 98
Voordat we gaan beginnen:
Welkom 1mha

Slide 1 - Diapositive

Formeel en informeel taalgebruik
Klas 1mh

Slide 2 - Diapositive

Doel van de les: Het verschil tussen formeel en informeel taalgebruik herkennen
Wat gaan we doen?
- Je krijgt instructie;
- Opdrachten maken;
Het verschil weten tussen letterlijk en figuurlijk taalgebruik herkennen

Slide 3 - Diapositive

Wat is formeel taalgebruik?
Wat is informeel taalgebruik?

Slide 4 - Question ouverte

"Hé loser!"
A
formeel taalgebruik
B
informeel taalgebruik

Slide 5 - Quiz

Wil jij even een kopje thee voor mij halen?
A
formeel taalgebruik
B
informeel taalgebruik

Slide 6 - Quiz

Hé ouwe, ga eens aan de kant!
A
formeel taalgebruik
B
informeel taalgebruik

Slide 7 - Quiz

Wilt u dit even betalen?
A
formeel taalgebruik
B
informeel taalgebruik

Slide 8 - Quiz

Maak hier een formele zin van:
Ik vind het echt mega debiel dat ik de les werd uitgegooid. Ik deed wel mee!

Slide 9 - Question ouverte

een bedrijf tegen een klant
een leerling tegen de kantinejuffrouw
een leraar tegen zijn klas
een man tegen zijn hond
een meisje tegen haar vriendin
een moeder tegen haar zoon
Schenk eens een kop thee in.
Heeft u misschien een kop thee voor mij?
Zit!
Willen jullie even gaan zitten?
Gelieve deze factuur z.s.m. te betalen.
Kun je dit Tikkie vandaag even betalen?

Slide 10 - Question de remorquage

Letterlijk en figuurlijk

Slide 11 - Diapositive

Het kind pakt de appel van de grond.
A
letterlijk
B
figuurlijk

Slide 12 - Quiz

Het vervelende kind schopt het andere kind tegen zijn kont.
A
letterlijk
B
figuurlijk

Slide 13 - Quiz

Die leerling heeft een schop onder zijn kont nodig.
A
letterlijk
B
figuurlijk

Slide 14 - Quiz

De roddelbladen smulden van het nieuws van de koninklijke bruiloft.
A
letterlijk
B
figuurlijk

Slide 15 - Quiz

Opdracht maken:
* Je gaat een mailtje schrijven aan je docent Nederlands, waarin je vraagt om uitstel van je toets.
* Je verwerkt daarin formeel taalgebruik;
* Je verwerkt daarin minstens twee zinnen met figuurlijk taalgebruik. 

Slide 16 - Diapositive