HERHALEN LES 11 18 34 35

HERHALEN LES 11-18-34-35
1 / 18
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 2

In deze les zitten 18 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 80 min

Onderdelen in deze les

HERHALEN LES 11-18-34-35

Slide 1 - Tekstslide

LEZEN - 15 min

Lees in je boek het vak 'belangrijk'. 

Daarna lezen we samen beide teksten op blz 6 en 7
Pak vast je werkboek, schrift en leesboek

Slide 2 - Tekstslide

Na deze les weet je....
  • Alle belangrijke onderwerpen voor de toets
  • Hoe vind je 'onderwerp & hoofdgedachte' in een tekst?
  • Hoe herken je 'oorzaak en gevolg' verbanden?
  • Hoe herken je 'opsommingen' in een tekst?
  • Hoe herken je tegenstellingen in een tekst?

Slide 3 - Tekstslide

LES 1 - KERN BASIS 2 - Hoe zitten veel teksten in elkaar?

Slide 4 - Tekstslide

BELANGRIJK
Wat is het ONDERWERP van een tekst?

  • Het onderwerp vertelt in één of een paar woorden waar de tekst over gaat.
  • Je vindt het onderwerp vaak in de titel of eerste zinnen van een tekst.

Voorbeelden:
Voetbalwedstrijden
Gezonde voeding
Eenzaamheid in de schoolkantine

Slide 5 - Tekstslide

BELANGRIJK
Wat is de HOOFDGEDACHTE van een tekst?

  • De hoofdgedachte is het belangrijkste wat de schrijver zegt over het onderwerp.
  • Het is een samenvatting van de tekst in één zin.

Voorbeelden:
Voetbalwedstrijden zorgen voor veel spanning en emotie.
Gezonde voeding helpt je lichaam sterk en fit te blijven.
Een app helpt scholieren om niet meer alleen te lunchen.

Slide 6 - Tekstslide

LES 1 - KERN BASIS 2 - Hoe zitten veel teksten in elkaar?

Slide 7 - Tekstslide

ÉÉN ZIN
Oorzaak: Arjen Robben is geblesseerd.
Gevolg: Hij kan niet spelen.

>> Welk  woord gebruik je om hier één zin van te maken?

Slide 8 - Tekstslide

SIGNAALWOORDEN LEREN!

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Tekstslide

LES 1 - KERN BASIS 2 - Hoe zitten veel teksten in elkaar?

Slide 11 - Tekstslide

OPSOMMINGEN
Wat is een opsomming? Kun je een voorbeeld noemen?

Slide 12 - Tekstslide

SIGNAALWOORDEN OPSOMMING
Oorzaak: Arjen Robben is geblesseerd.
Gevolg: Hij kan niet spelen.

>> Welk  woord gebruik je om hier één zin van te maken?

Slide 13 - Tekstslide

LES 1 - KERN BASIS 2 - Hoe zitten veel teksten in elkaar?

Slide 14 - Tekstslide

TEGENSTELLINGEN

Slide 15 - Tekstslide

Wat is een tegenstelling?
Een tegenstelling laat twee dingen zien die verschillend of tegengesteld zijn.


Voorbeelden:
- Het is warm, maar morgen wordt het koud.
- Hij is groot, daarentegen is zij klein.

Slide 16 - Tekstslide

SIGNAALWOORDEN LEREN!
TEGENSTELLING

Slide 17 - Tekstslide

ZELFSTANDIG MAKEN
Succes met de voorbereiding van de toets DONDERDAG 13 MAART

Slide 18 - Tekstslide