Nefrostomie

Nefrostomie
  





s.b. 2022
1 / 26
volgende
Slide 1: Tekstslide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 2

In deze les zitten 26 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Nefrostomie
  





s.b. 2022

Slide 1 - Tekstslide

Leerdoelen
  • Je kunt de (contra-)indicaties voor het plaatsen van een nefrostomiekatheter benoemen en de aandachtspunten en mogelijke complicaties hierbij.
  • Je kent de stappen van het verzorgen van een nefrostomiekatheter en je kunt de (contra-)indicaties, aandachtspunten en mogelijke complicaties benoemen.

Slide 2 - Tekstslide

Nefrostomie

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

Indicaties nefrostomiekatheter
Een nefrostomiekatheter is een mogelijke oplossing als urine uit de nier niet of onvol-doende naar de blaas kan stromen.
Dit kan veroorzaakt worden door:
  • nierstenen in de nier of de urineleider;
  • een vernauwde urineleider (strictuur of stenose);
  • een tumor in de urineleider, de blaas of de prostaat;
  • een abnormale verbinding tussen de urinebuis en het perineum (urinaire fistels);
  • vochtcollecties rondom de nier (abces of urinoom).



Slide 5 - Tekstslide

Een belemmering van de afvoer van urine zorgt ervoor dat zich steeds meer urine ophoopt in de nier en de druk hierin toeneemt: dit wordt nierstuwing genoemd.
Soms is een operatie nodig om de blokkade op te heffen. In de periode voor de operatie kan een nefrostomiekatheter geplaatst worden om de gestuwde nier of urineleider te ontlasten.

Slide 6 - Tekstslide

Contra-indicaties

Contra-indicaties voor het plaatsen van een nefrostomiekatheter zijn:
  • gestoorde bloedstolling;
  • afwijkende anatomie (bijvoorbeeld door eerdere operaties);
  • terminale zorgvrager.

Slide 7 - Tekstslide

Plaatsing
Een arts plaatst een nefrostomiekatheter onder steriele omstandigheden. Nadat de huid plaatselijk verdoofd is, prikt de arts met een holle naald in de nier. Om de juiste plek te bepalen, brengt hij met een echoof röntgenapparaat de precieze ligging van het orgaan en de positie van de naald in beeld. Hij schuift een voerdraad door de holle naald, waarna hij de naald verwijdert. Vervolgens maakt hij de opening in de buik wat wijder, afhankelijk van de diameter van de katheter. Hij brengt de katheter met behulp van de voerdraad via de opening in de nier. Een klein ballonnetje aan de tip zorgt ervoor dat het slangetje niet uit het nierbekken kan glijden. De arts zet de nefrostomiekatheter aan de buitenzijde vast met een hechting op de huid. Net als bij een suprapubische katheter vormt het lichaam na een tijdje een fistel rondom het slangetje.

Slide 8 - Tekstslide

Mogelijke complicaties
  • Een nabloeding: deze kan optreden door het oprekken van de opening bij het plaatsen van de In de meeste gevallen stopt het bloeden binnen korte tijd spontaan. Neem contact op met een arts als de opening in de buikwand blijft bloeden.
  • Een infectie: de fistelopening en het nierbekken zijn gevoelig voor infecties door bacteriën die via de katheter binnen kunnen dringen. Een geïnfecteerde opening is rood, pijnlijk en bevat soms pus. Er kan ook sprake zijn van koorts. Zorgvragers met een ontsteking van het nierbekken kunnen naast koorts ook koude rillingen en hevige pijn in de flanken of de rug hebben. Waarschuw zo snel mogelijk een arts als je vermoedt dat een zorgvrager een infectie heeft.

Slide 9 - Tekstslide

Mogelijke complicaties
  • Lekkage: er zal urine langs de katheter lekken als het slangetje niet goed open is. Dit kan komen door een knik in de slang of een verstopt lumen. Vloeistof ‘kiest’ altijd de weg van de minste weerstand en urine zal hierdoor bij een belemmerde doorgang (hoge weerstand) via een andere weg naar buiten stromen. Controleer of er geen knik in de katheter zit en vraag advies aan een arts als het probleem blijft bestaan.
  • Het verschuiven of uitglijden van de katheter: neem contact op met een arts als de katheter verschuift of uitglijdt. Je mag een verschoven katheter niet terugduwen of er verder uit trekken. Maak hem in plaats daarvan stevig op de huid vast. Als de nefrostomiekatheter uitgegleden is, dan zal deze in overleg met de verantwoordelijke arts eventueel opnieuw ingebracht moeten worden.
  • De drain raakt verstopt door steengruis of bloedstolsels.

Slide 10 - Tekstslide

Verzorgen van een nefrostomiekatheter
  • Het is bij de verzorging van de nefrostomiekatheter heel belangrijk om steriel te werken, omdat de katheter rechtstreeks in verbinding staat met de nier. Een infectie van de nier kan ernstige gevolgen hebben.
  • De eerste vijf dagen na de ingreep is er nog sprake van een wondje, dat bedekt moet zijn door een steriel splitgaas. Je moet dit gaas minstens één keer per dag vervangen en ook als het zichtbaar vuil is.
  • Na deze periode is het voldoende om een schone opening één keer per week te verzorgen. Een rode, geïrriteerde of pussige opening moet je dagelijks verzorgen.

Slide 11 - Tekstslide

Verzorgen van een nefrostomiekatheter
  • Controleer de huid rond de opening op drukplekken en wees alert op het bestaan van een infectie: pijn, roodverkleuring en zwelling van de huid kunnen hierop wijzen.
  • Soms kan er rond de opening wild vlees gaan groeien; dit kan gaan bloeden of pijn veroorzaken. Stip hinderlijk wild vlees aan met een zilvernitraatstift.
  • Een droge, schone opening kun je met alleen water wassen.

Slide 12 - Tekstslide

Verzorgen van een nefrostomiekatheter
  • Gebruik in principe geen ontsmettende zalf; je kunt deze zalf alleen aanbrengen op de wond als een arts dit heeft voorgeschreven.
  • Het kan handig zijn om een kant-en-klaar systeem te gebruiken voor het afdekken van de opening, zoals de Drain-Fix-fixatiepleister. Deze pleister absorbeert vocht en kan tot ongeveer een week blijven Een groot voordeel van de Drain-Fix-fixatiepleister is dat de zorgvrager ermee kan douchen.
  • Zorg er bij het verwisselen van de pleister voor dat de katheter niet verschuift.

Slide 13 - Tekstslide

Mogelijke complicaties bij het verzorgen
  • een allergische reactie op stoffen in de fixatiepleister;
  • uitglijden van de katheter door een losgelaten hechting of een leeggelopen ballon;
  • te weinig urineafvoer;
  • urinelekkage door de opening in de buik;
  • een infectie.

Slide 14 - Tekstslide

Stappenplan verzorgen nefrostomiekatheter
Voor het verzorgen van een nefrostomiekatheter moet je de volgende materialen klaarzetten:

  • niet-steriele handschoenen;
  • fixatiemateriaal;
  • een pleister;
  • gaasjes;
  • een kom met water, een handdoek;
  • een afvalbak.

Slide 15 - Tekstslide

Stappenplan verzorgen nefrostomiekatheter
  1. Bekijk de opening en de omliggende huid nauwkeurig en let daarbij op de aanwezigheid van:
  • zwelling;
  • roodheid;
  • pijn;
  • pus, bloed of vocht;
  • wild vlees;
  • drukplekken van de katheter.
2. Doe de handschoenen uit.

Slide 16 - Tekstslide

Aandachtspunten
  • Na tijdelijke afkoppeling, bij lekkage en bij een onaangename geur en neerslag in de opvangzak, moet je deze vervangen. Volg de instructies van de fabrikant op met betrekking tot het vervangen van de zak.
  • Een kocher kan de nefrostomiekatheter beschadigen. Daarom mag je geen kocher gebruiken om deze katheter af te klemmen (je kunt deze katheter niet afklemmen).

Slide 17 - Tekstslide

Aandachtspunten
  • De opvangzak en de slang van de zak moeten lager hangen dan de nier.
  • Voor de nacht kun je een speciale nachtzak aansluiten op de afvoeropening van de opvangzak; hierdoor kan meer urine opgeslagen worden.
  • Om nierstuwing te voorkomen is het zeer belangrijk dat de urine ongehinderd door de katheter af kan lopen.

Slide 18 - Tekstslide

Stappenplan voor het verwisselen van de opvangzak
Voor het verwisselen van de urineopvangzak bij een nefrostomiedrain moet je de volgende materialen klaarzetten:

  • niet-steriele handschoenen;
  • een urineopvangzak;
  • een opvangbak;
  • een nachtzak;
  • gaasjes/wattenstaafjes;
  • desinfectiemiddel;
  • een onderlegger;
  • een afvalbak.

Slide 19 - Tekstslide

Spoelen nefrostomiekatheter
Om verstopping van de nefrostomiekatheter te voorkomen, kun je hem spoelen met fysiologische zoutoplossing (NaCl 0,9%).


Indicaties
Je hoeft de nefrostomiedrain niet te spoelen zolang er urine geproduceerd wordt. Zodra er geen urine meer geproduceerd wordt, moet je nagaan of de drain verstopt is, of bijvoorbeeld ergens geknikt is. Door de drain te spoelen kun je controleren of de drain verstopt is. Is dit het geval, dan moet de drain mogelijk vervangen worden. Verder is het nodig om de drain te spoelen als er bloed bij de urine zit of als de zorgvrager blijvende pijn in zijn flank heeft.

Slide 20 - Tekstslide

Contra-indicaties

Een nefrostomiedrain die goed doorloopt hoeft niet gespoeld te worden. Spoelen verbetert de urinedoorstroom in dat geval niet en gaat wel gepaard met risico’s. Een van deze risico’s is het creëren van een te hoge druk in de nier, waardoor de nier beschadigd wordt.

Slide 21 - Tekstslide

aandachtspunten
  • Bepaal in overleg met een arts wanneer en met hoeveel NaCl 0,9% je gaat spoelen. Het is erg belangrijk om niet te veel NaCl 0,9% te gebruiken, omdat dan bij het inspuiten van de vloeistof de druk in de nier hoger wordt en het orgaan beschadigd kan raken.
  • Er kan tussen de katheter en de opvangzak een speciaal driewegkraantje voor het spoelen aanwezig zijn.
  • Bij het spoelen van de nefrostomiekathetermoet je steriel werken, omdat de katheter rechtstreeks in verbinding staat met de nier. Een infectie van de nier kan ernstige gevolgen hebben.
  • De ampul NaCl 0,9% moet je op lichaamstemperatuur brengen door hem in je gesloten hand te houden.

Slide 22 - Tekstslide

aandachtspunten
  • Bij het spoelen van de nefrostomiekathetermoet je steriel werken, omdat de katheter rechtstreeks in verbinding staat met de nier. Een infectie van de nier kan ernstige gevolgen hebben.
  • De ampul NaCl 0,9% moet je op lichaamstemperatuur brengen door hem in je gesloten hand te houden.
  • Je mag geen kocher gebruiken om de nefrostomiekatheter af te klemmen, omdat een kocher de katheter kan beschadigen.

Slide 23 - Tekstslide

Mogelijke complicaties
Mogelijke complicaties bij het spoelen van een nefrostomiekatheter zijn:

  • Je voelt een abnormale weerstand tijdens het inspuiten van de fysiologische zoutoplossing: de katheter is waarschijnlijk verstopt.
  • De katheter verschuift.
  • De ingespoten NaCl 0,9% kan niet teruggezogen worden: mogelijk is alle vloeistof opgenomen door de nier. Stop met zuigen en spuit geen extra vloeistof in. Sluit de nieuwe opvangzak aan.
Neem bij het optreden van complicaties contact op met de behandelend arts.

Slide 24 - Tekstslide

Slide 25 - Tekstslide

Kun je de gestelde leerdoelen beantwoorden?
  • Je kunt de (contra-)indicaties voor het plaatsen van een nefrostomiekatheter benoemen en de aandachtspunten en mogelijke complicaties hierbij.
  • Je kent de stappen van het verzorgen van een nefrostomiekatheter en je kunt de (contra-)indicaties, aandachtspunten en mogelijke complicaties benoemen.

Slide 26 - Tekstslide