In deze les zitten 15 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
Lesduur is: 60 min
Onderdelen in deze les
Het Pensioenfonds
Slide 1 - Tekstslide
Context
- Het pensioenfonds regelt de pensioenen van mensen die werkzaam zijn of zijn geweest bij notariskantoren
- Het pensioenfonds ontvangt pensioenpremies en belegt dit geld in aandelen, obligaties, vastgoed en goederen
- Algemene doelstelling is een zo goed mogelijk rendement behalen en een zo laag mogelijk risico
Slide 2 - Tekstslide
Dekkingsgraad & contante waarde
Dekkingsgraad
geeft aan of een pensioenfonds voldoende geld heeft om aan zijn verplichtingen te voldoen
Contante waarde
is het bedrag dat een toekomstige som geld vandaag waard is, rekening houdend met de rente dat je zou kunnen ontvangen
Slide 3 - Tekstslide
Beleggingen
Aandelen: eigendomsbewijzen
Obligaties: schuldbewijzen van bedrijven
Slide 4 - Tekstslide
Rente percentage
Het (reken)rentepercentage wordt gebruikt om de toekomstige pensioenverplichtingen in te schatten. Dit percentage bepaalt hoeveel geld er nu nodig is om in de toekomst aan die verplichten te kunnen voldoen.
Slide 5 - Tekstslide
Pensioenpremies en-uitkeringen
Premies: maandelijks een percentage van je inkomen die je betaald aan het Pensioenfonds voor je pensioen
Uitkeringen: als je op AOW-leeftijd bent, en je gaat met pensioen krijg je per maand een bedrag uitgekeerd van het Pensioenfonds
Slide 6 - Tekstslide
Tips:
- Lees eerst de tekst goed door
- Kijk goed wanneer je welke formule moet gebruiken (vraag 2)
- Lees bron 2 goed door en ook de noot (vraag 2)
- Maak een tijdlijn (vraag 2)
- Bedenk goed wat de verschillen zijn tussen aandelen en obligaties (vraag 4)
timer
35:00
Slide 7 - Tekstslide
Vraag 1: Is het (reken)rentepercentage gedaald of gestegen?
A
Gestegen
B
Gedaald
Slide 8 - Quizvraag
Is het (reken)rentepercentage gedaald of gestegen?
Gedaald, waardoor er nu een groter bedrag beschikbaar moet zijn voor het doen toekomstige uitgaven
Slide 9 - Tekstslide
Vraag 2: Totale contante waarde op 31 december 2013 van toekomstige pensioensuitkeringen Rond af vb: €394.065.304
Slide 10 - Open vraag
Totale contante waarde
2 manieren
uitgewerkt op whiteboard
Slide 11 - Tekstslide
Vraag 3: Leg uit op welke wijze de combinatie van de maatregelen a en b kan leiden tot een verbetering van de dekkingsgraad van Het Pensioenfonds.
Maatregel a:
- Verhoging van pensieonpremies kan leiden tot een hogere waarde van de beleggingen waardoor via een stijging van de teller de dekkingsgraad stijgt
Maatregel b:
- Verlaging van de uitkeringen kan leiden tot afname van de contante waarde van de pensioensverplichtingen waardoor via een daling van de noemer de dekkingsgraad stijgt
Slide 12 - Tekstslide
Vraag 4: Leg uit welk risico voor het Pensioenfonds toeneemt door de verschuiving in de beleggingen van obligaties naar aandelen
Voordelen kunnen zijn:
- het kredietrisico: bij faillissement krijgen de aandeelhouders pas na de bezitters van obligaties uitbetaald (eerst schuldeisers, daarna eigenaren)
- het liquiditeitsrisico: de beurskoersen van aandelen fluctueren meer dan die van obligaties
Slide 13 - Tekstslide
Vraag 5: Voldoet de dekkingsgraad van het Pensioenfonds op 31 december 2014 aan de eis van DNB?
A
Ja
B
Nee
Slide 14 - Quizvraag
Vraag 5
106% > 105%, dus dekkingsgraad voldoet aan de eis.