Oncologie 19OMF

1 / 34
volgende
Slide 1: Tekstslide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 4

In deze les zitten 34 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Een adenoom is
A
benigne
B
maligne

Slide 2 - Quizvraag

Een poliep is
A
Benigne
B
Maligne

Slide 3 - Quizvraag

Een adenocarcinoom is
A
Benigne
B
Maligne

Slide 4 - Quizvraag

Een plaveiselcelcarcinoom is
A
Benigne
B
Maligne

Slide 5 - Quizvraag

Een fibroom is
A
Benigne
B
Maligne

Slide 6 - Quizvraag

Een osteoom is
A
Benigne
B
Malligne

Slide 7 - Quizvraag

Een myosarcoom is
A
Benigne
B
Maligne

Slide 8 - Quizvraag

Een non-Hodgkin lymfoom is
A
Benigne
B
Maligne

Slide 9 - Quizvraag

Een glioblastoom is
A
Benigne
B
Maligne

Slide 10 - Quizvraag

Een naevus is
A
Benigne
B
maligne

Slide 11 - Quizvraag

Een melanoom is
A
Benigne
B
Maligne

Slide 12 - Quizvraag

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Tekstslide

Slide 20 - Tekstslide

Welke naam past bij een maligne primaire tumor van botweefsel?
A
Osteosarcoom
B
Lipoom
C
Adenoom
D
Botmetastase

Slide 21 - Quizvraag

Bij welke vorm van metastase is een maligne tumor in een verder stadium?
A
hematogene metastasering
B
lymfogene metastasering

Slide 22 - Quizvraag

Het uitzaaien van een tumor noem je...
A
Metameer
B
Metastase
C
Lymfogeen
D
Hematogeen

Slide 23 - Quizvraag

Wat is een kenmerk van een maligne tumor?
A
Groeit niet door tot andere weefsels heen
B
Maligne tumor kan een beligne tumor worden
C
Cellen kunnen losraken en via het bloed en/of lymfe uitzaaien (metastasen)
D
Zijn niet dodelijk (tenzij op vitale plaats zitten zoals hersenen)

Slide 24 - Quizvraag

Wanneer word het woord carcinoom gebruikt?
A
bij een benigne tumor uitgaande van dekweefsels
B
bij een benigne tumor uitgaande van bindweefsel
C
bij een maligne tumor uitgaande van bindweefsel
D
bij een maligne tumor uitgaande van dekweefsels

Slide 25 - Quizvraag

Wat verstaan we onder een primaire hersentumor?
A
Tumoren die uit het hersenweefsel zelf zijn ontstaan
B
Uitzaaiing van tumor elders in het lichaam
C
Meerdere tumoren bij elkaar
D
hersenmetastasen

Slide 26 - Quizvraag

3. Een tumor die is uitgezaaid noemen we een carcinoma in citu
A
Waar
B
Niet waar

Slide 27 - Quizvraag

Slide 28 - Tekstslide

Slide 29 - Tekstslide

Slide 30 - Tekstslide

Slide 31 - Tekstslide

Slide 32 - Tekstslide

Slide 33 - Tekstslide

Slide 34 - Tekstslide