In deze les zitten 33 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.
Onderdelen in deze les
H4, V4 & V5 muziek
Slide 1 - Tekstslide
Term voor zingen zonder instrumentale begeleiding
Slide 2 - Open vraag
Wat is de speelwijze van de noot. Sleep de juiste noot naar het juiste vak.
Staccato
Legato
A
C
E
F
G
Slide 3 - Sleepvraag
Meerdere gezongen tonen op 1 lettergreep
A
syllabisch
B
melismatisch
C
versiering
D
ostinaat
Slide 4 - Quizvraag
Welk ritmisch verschijnsel zie je hier?
Slide 5 - Open vraag
gebonden of aan elkaar gespeeld
= los van elkaar
breed spelen, maar niet gebonden
portato
staccato
legato
Slide 6 - Sleepvraag
Is er sprake van syncopen of 'recht spelen'?
A
spelen syncopen
B
spelen recht
C
spelen geen van beiden
Slide 7 - Quizvraag
Is er in dit fragment sprake van syncopen of spelen ze 'recht'?
A
spelen syncopen
B
spelen recht
Slide 8 - Quizvraag
Schrijf in eigen woorden op wat het verschil is tussen polyfonie & homofonie. *Je mag internet raadplegen
Slide 9 - Woordweb
Antwoord:
Homofonie = Meerstemmig, waarbij alle stemmen
grotendeels in hetzelfde ritme zingen
Polyfonie = meerstemmig, maar de stemmen gaan
niet in hetzelfde ritme en/of door elkaar heen
Slide 10 - Tekstslide
Slide 11 - Video
In voorgaand filmpje was sprake van homofonie
Slide 12 - Tekstslide
01:28
Er is hier sprake van
A
Polyfonie
B
Homofonie
Slide 13 - Quizvraag
Hoe noem je het als iedereen dezelfde melodie speelt? *Éénstemmigheid is niet het juiste antwoord
Slide 14 - Open vraag
Leg in eigen woorden uit wat er met terrassendynamiek bedoeld wordt.
Slide 15 - Woordweb
Terassendynamiek:
Plotseling van hard naar zacht of andersom
Overgangsdynamiek:
Geleidelijk van hard naar zacht of andersom
Slide 16 - Tekstslide
Van welke vorm van dynamiek is er sprake?
A
terrassendynamiek
B
echodynamiek
C
overgangsdynamiek
D
dynamiet
Slide 17 - Quizvraag
Wat is de juiste benaming voor vertraging in de muziek?
A
accelerando
B
decrescendo
C
crescendo
D
ritenuto
Slide 18 - Quizvraag
Een driekank waarbij de tonen niet tegelijk maar na elkaar worden gespeeld
Slide 19 - Open vraag
Toonladder van alleen halve toonsafstanden
A
pentatonische
B
majeur
C
chromatische
D
mineur harmonische
Slide 20 - Quizvraag
De pentatonische toonladder en mineur harmonische toonladder hoef je niet te kennen, dus bij de vorige vraag kon het antwoord alleen majeur of chromatisch zijn. Chromatisch betekent 'halve toonsafstanden', dus dat is het goede antwoord.
Slide 21 - Tekstslide
Slide 22 - Video
Hoe noem je de gestreken en geplukte speelwijze op een strijkinstrument? Je mag op internet zoeken naar de juiste termen.
Slide 23 - Woordweb
Viool (stijkinstrumenten):
pizzicato is geplukt spelen. Arco is gestreken
spelen (normaal)
Slide 24 - Tekstslide
' Benaming van dit ritmisch figuur
Slide 25 - Open vraag
Wat is de naam van dit teken?
Slide 26 - Open vraag
Slide 27 - Video
01:00
Hoe noem je deze muzikale vorm waarbij het tooncentrum mist?
Slide 28 - Open vraag
In atonale muziek heb je vaak intervallen die met elkaar wringen. Wat is de juiste benaming hiervoor?
A
Consonant
B
Dissonant
Slide 29 - Quizvraag
Hoe noem je deze speelwijze van de snare? de snare
Slide 30 - Open vraag
Dynamiek
Tempo
Forte
Presto
Allegro
Adagio
Pianissimo
Crescendo
Slide 31 - Sleepvraag
De pianist speelt met het tempo. Hij vertraagt en versnelt om het spel expressiever te maken. Dit heet: