3.4

Welkom! 
Welkom
1 / 31
volgende
Slide 1: Tekstslide
AardrijkskundeMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 3

In deze les zitten 31 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Welkom! 
Welkom

Slide 1 - Tekstslide

Wat gaan we doen vandaag?
Opstarten
05 min
Terugblik 3.3
10 min
Samen lezen 3.4 deel 1
10 min
Maken opdrachten
10 min
Nakijken opdrachten
10 min
Samen lezen 3.4 deel 2
10 min
Lesafsluiting
05 min

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

Wat betekent periferie in de wereldindeling van centrum- semi periferie en periferie?
A
Een rijk land met veel bedrijven
B
Een arm land met weinig invloed
C
Een gebied dat alleen uit steden bestaat
D
Een land zonder inwoners

Slide 5 - Quizvraag

Wat zijn ontwikkelingslanden?
A
arme landen
B
rijke landen

Slide 6 - Quizvraag

Centrum
Semi periferie
Periferie

Slide 7 - Sleepvraag

Semi-periferie
Centrum
Periferie

Slide 8 - Sleepvraag

Grondstof
Halffabricant
Eindproduct
Periferie
Semi-Periferie
Centrum

Slide 9 - Sleepvraag

Centrum
Periferie
Semi-periferie

Slide 10 - Sleepvraag

Slide 11 - Tekstslide

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Tekstslide

Slide 20 - Tekstslide

Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Tekstslide

Aan de slag
  • Wat? Maak paragraaf 3.4 helemaal 
  • Hoe? Zelfstandig, overleggen mag
  • Hulp? Buur, docent, internet
  • Tijd? 25 minuten
  • Resultaat? Klassikaal bespreken

  • Klaar? Maak paragraaf 3.1 t/m 3.3 helemaal af
  • Ook daarmee klaar? Werk in stilte aan NUMO
timer
25:00

Slide 23 - Tekstslide

timer
5:00

Slide 24 - Tekstslide

Slide 25 - Tekstslide

          Hoofdstuk 3: Arm en Rijk
Verdeeldheid in de wereld 
3.4 Economische ontwikkelingen

Slide 26 - Tekstslide

Introductie
  • Kleding winkels
  • Kleding maken
  • Zo goedkoop mogelijk

Maken 3.1 - doe dit online. 
       1.  Je kunt de sectoren landbouw, industrie en diensten beschrijven.
Landbouw: in deze sector halen mensen voedsel en grondstoffen uit de aarde. Hierbij horen landbouwers, die voedsel en grondstoffen als katoen en palmolie produceren. De visserij en bosbouw vallen hier ook onder.

Industrie: in deze sector maken mensen producten uit grondstoffen, bijvoorbeeld in fabrieken. Ook de bouw hoort bij deze sector.

Diensten: in deze sector doen mensen iets voor andere mensen, zoals schoonmakers, verpleegkundigen, leraren en maaltijdbezorgers.

Beroepsbevolking: Alle mensen in een land die betaald werk hebben of direct beschikbaar zijn voor werk, en in een bepaalde leeftijdsgroep vallen.

Slide 27 - Tekstslide

Introductie
  • Kleding winkels
  • Kleding maken
  • Zo goedkoop mogelijk

Maken 3.1 - doe dit online. 
Periferie
Periferie
      2. Je kunt beschrijven dat de ontwikkeling van een land invloed heeft op het werk dat mensen doen.
Zelfvoorzienende landbouw:
Landbouw om zelf van te leven
- Klein stukje grond
- Eenvoudige werktuigen
- Enkele gewassen
- Evt. lokale verkoop
Commerciële landbouw:
Land wordt gekocht door westerse investeerders
- Veel grond
- Moderne werktuigen
- Minder arbeid
- Export producten
Mensen gaan naar de stad om ander werk te gaan zoeken/doen.

Slide 28 - Tekstslide

Introductie
  • Kleding winkels
  • Kleding maken
  • Zo goedkoop mogelijk

Maken 3.1 - doe dit online. 
Centrum
Semiperiferie
      2. Je kunt beschrijven dat de ontwikkeling van een land invloed heeft op het werk dat mensen doen.
Welvaart stijgt - Het gaat economische beter met een land. Mensen hebben beter inkomen en kunnen daardoor meer activiteiten ondernemen
Salaris - Geld dat je krijgt voor het werk dat je doet
- Eten kopen
- Onderwijs 
- Betere huisvesting
- Meer mensen werk in de industrie
- Krijgt een salaris voor het werk dat ze doen
- Meeste mensen werken in de dienstensector.
- Hebben een opleiding gehad.
- Hebben een salaris
- Sociale vangnetten zijn goed geregeld.

Slide 29 - Tekstslide

Slide 30 - Video

Introductie
  • Kleding winkels
  • Kleding maken
  • Zo goedkoop mogelijk

Maken 3.1 - doe dit online. 
Informele sector
     3. Je kunt het verschil tussen de formele en informele sector aangeven.
Formele sector










Het afdragen van belasting aan de overheid over het inkomen dat je ontvangt. 

- Het werk is niet zicht bij de overheid.
- Geen belasting over inkomsten
- Illegale activiteiten
- Zwart werken

Centrum landen, zoals in Nederland
- Meeste mensen werken in de formele sector. 

Ontwikkelingslanden
- Veel mensen werken in de informele sector. Bijvoorbeeld, straatverkopers, arbeiders in kledingbedrijfje. 
Over het algemeen geldt: hoe armer het land, hoe groter de informele sector. Door de informele sector is het inkomen per hoofd in een land wel hoger dan het bbp per hoofd laat zien.

Slide 31 - Tekstslide