8 november - geluk en personificatie

Welkom!
- Lezen
- Poëzie (onderdeel project over geluk)
1 / 14
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolvwoLeerjaar 2

In deze les zitten 14 slides, met interactieve quiz en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Welkom!
- Lezen
- Poëzie (onderdeel project over geluk)

Slide 1 - Tekstslide

Personificatie
Bij personificatie geef je iets wat géén mens is wél menselijke eigenschappen.

Slide 2 - Tekstslide

 Het stormt hard.

Slide 3 - Tekstslide

De storm huilde om het huis alsof hem iets werd aangedaan.

Slide 4 - Tekstslide

De storm heeft de straten schoongeveegd.

Slide 5 - Tekstslide

 De bal gaat de goal in.

Slide 6 - Tekstslide

De bal huppelde als bij toeval de goal in.

Slide 7 - Tekstslide

De doellijntechnologie bewijst het: de bal heeft de achterkant van de lijn gezien.

Slide 8 - Tekstslide

Beeldspraak
• Figuurlijk taalgebruik
• Dient om iets duidelijk te maken
• Belangrijk in poëzie
• Twee componenten:
– beeld
– het verbeelde





Doelen:
• meer aandacht voor de woorden waarbij het optreedt te vragen
• effecten met het ritme te bewerkstelligen
• om de spanning op te voeren

Slide 9 - Tekstslide

Beeldspraak
 Personificatie
Levenloze dingen worden voorgesteld als iets levends, als een persoon.

De wind huilt
De parken zijn de longen van de stad
Straten gaan hun eigen weg


Slide 10 - Tekstslide

"Ze bleef opeens staan en balde de handen tot vuisten terwijl buiten twee koplampen aansprongen als twee gloeiende ogen. Christine viel weer met een verkreukelde motorkap op Leigh aan. Helder metaal scheen door de beschadigde verf heen. Haar grill leek wel uit haaientanden te bestaan."
Noem de personificaties.

Slide 11 - Open vraag

Vragen
- `De handen uit de mouwen steken’ is figuurlijk taalgebruik. Wat betekent het?

- Zoek de drie personificaties in het gedicht

Slide 12 - Tekstslide

Vragen
- Wat betekenen de laatste twee regels volgens jou?

- Bedenk een personificatie voor jouw leven

Slide 13 - Tekstslide

Poëzie en fictie > Maken opdracht 4 van B Geluk
Bladzijde 212 t/m 215

Slide 14 - Tekstslide