Steeds meer kinderen krijgen vormen van jeugdhulp en steeds meer kinderen worden verwezen naar verschillende vormen van speciaal onderwijs. Bovendien blijkt uit allerlei studies dat kinderen de afgelopen jaren angstiger en depressiever zijn geworden. En dat terwijl de aandacht voor welbevinden, veerkracht, de nadruk op samenwerking tussen onderwijs en jeugdhulp flink is toegenomen. Net als het aantal zelfhulpboeken voor kinderen. Wat betekent dit als we toe willen naar meer inclusief onderwijs? In dit boek houdt Bert Wienen een kritisch pleidooi tegen het benadrukken van de mentale kwetsbaarheid en het bevorderen van meer veerkracht als politieke oplossing daarvoor.
Alle nadruk ligt momenteel op ‘dat wat het kind (nodig) heeft’. Waardoor de belangrijke vraag: ‘Wat kunnen wij als context doen?’ te weinig wordt gesteld. De slinger lijkt te zijn doorgeslagen naar de focus op het individuele kind. Wat moeten we doen om de focus weer te leggen op de kracht van gewoon heel goed onderwijs en dus het belang van de leraar? Want daar ligt de sleutel voor beter en meer inclusief onderwijs.
Dit boek is geschikt voor professionals die met en voor kinderen en jongeren werken, zoals leraren, intern begeleiders, schoolleiders, bestuurders en zorgcoördinatoren. Maar ook beleidsmedewerkers van gemeenten en jeugdhulpinstanties. Eigenlijk iedereen die verantwoordelijkheid heeft in het opvoeden en begeleiden in de groei van kinderen en jongeren. Veelal mensen die dagelijks ervaren dat het eigenlijk anders moet. Bert Wienen heeft een brede opleidingsachtergrond als psycholoog, onderwijswetenschapper en bedrijfskundige, is gepromoveerd in de ontwikkelingspsychologie en heeft ervaring in de jeugdhulp en het onderwijs. Hij is wetenschapper, adviseur voor scholen, gemeenten en jeugdhulp, en oprichter van het Instituut voor Inclusief Onderwijs.
Het boek "Van individueel naar inclusief onderwijs" van Bert Wienen bekritiseert de huidige focus op de individuele kwetsbaarheid van kinderen in het onderwijs. Wienen stelt dat de nadruk te veel ligt op het labelen van kinderen en het zoeken naar individuele oplossingen, in plaats van te kijken naar de context en de kracht van goed onderwijs.
Belangrijke punten uit het boek zijn:
Kritiek op de psychologisering van het onderwijs: Wienen vindt dat er te veel nadruk ligt op mentale kwetsbaarheid en veerkracht van individuele kinderen, waardoor de rol van de school en de leerkracht onderbelicht blijft.
Pleit voor een focus op de context: Hij benadrukt dat het belangrijk is om te kijken naar de omgeving waarin kinderen opgroeien en leren, en dat scholen een cruciale rol spelen in het creëren van een inclusieve leeromgeving.
Het belang van de leerkracht: Wienen stelt dat de sleutel tot inclusief onderwijs ligt bij goed onderwijs en de kracht van de leerkracht, en dat er meer aandacht moet zijn voor het ondersteunen van leerkrachten.
Minder labelen, meer onderwijs: Het boek pleit voor minder nadruk op het labelen van kinderen met diagnoses en meer aandacht voor het bieden van kwalitatief goed onderwijs voor alle kinderen.
Kortom, Wienen roept op tot een verschuiving van een individuele benadering naar een meer systemische en inclusieve benadering van onderwijs, waarbij de focus ligt op de kracht van goed onderwijs en de rol van de leerkracht.