02. 7.2 Arbeidsmarkt (8-4-25)

H7 De arbeidsmarkt
§2: (Actief op de) Arbeidsmarkt
Ik heb klaar liggen: 
  • rekenmachine,
  • pen,
  • papier.
1 / 35
volgende
Slide 1: Tekstslide
EconomieMiddelbare schoolvmboLeerjaar 2

In deze les zitten 35 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

H7 De arbeidsmarkt
§2: (Actief op de) Arbeidsmarkt
Ik heb klaar liggen: 
  • rekenmachine,
  • pen,
  • papier.

Slide 1 - Tekstslide

Volgorde hoofdstuk 7
B
KGT
§ 1
§ 1
§ 2
§ 2
§ 3
§ 3
§ 4
§ 4
§ 5
§ 5
§ 6
7-4
8-4
14-4
15-4
6-5
12-5
Dinsdag 20 mei 
Toets hoofdstuk 7

Slide 2 - Tekstslide

Vandaag
Huiswerk
Hoofdstuk 7 paragraaf 2
Vraagbokaal
Huiswerk

Slide 3 - Tekstslide



B
Leren en maken:
Hoofdstuk 7 paragraaf 1




KT
Leren en maken:
Hoofdstuk 7 paragraaf 1



Huiswerk

Slide 4 - Tekstslide

Vraagbokaal

Starten met een vraag.

Slide 5 - Tekstslide

Vraagbokaal
Einde les bedenk je een toetsvraag en die schrijf je op een papiertje (met antwoord). De beste vragen komen in de pot.
De volgende les start ik met een vraag uit de bokaal.

Slide 6 - Tekstslide

Doel 7.2: De arbeidsmarkt
  • B: Ik kan uitleggen wat de arbeidsmarkt is.
  • BKT: Ik kan uitleggen hoe je hulp kunt krijgen bij het zoeken naar een baan.
  • KT: Ik kan aangeven wat bedrijven en instellingen doen om geschikt personeel te vinden.
Schrijf mee in teams

Slide 7 - Tekstslide

Wat is een vacature?

A
openstaande arbeidsplaats
B
proeftijd
C
opzegtermijn
D
geschoold werk

Slide 8 - Quizvraag

Een arbeidsplaats die onbezet is wordt ook wel een ............ genoemd
A
Arbeidsplaats
B
Vacature
C
Bezette arbeidsplaats
D
Beroepsbevolking

Slide 9 - Quizvraag

Wie/wat horen er bij de werkgelegenheid?
A
Vacatures + werkenden
B
werklozen + werkenden
C
Vacatures + werklozen

Slide 10 - Quizvraag

Een kapsalon heeft 5 arbeidsplaatsen, waarvan er 1 onbezet is.
Wat is de werkgelegenheid?
A
1
B
4 (namelijk 5-1)
C
5
D
6 (namelijk (5+1)

Slide 11 - Quizvraag

in welke leeftijdsgroep kun je tot de beroepsbevolking behoren
A
0- 20 jaar
B
15-45 jaar
C
15-67 jaar
D
67 jaar en ouder

Slide 12 - Quizvraag

De werkgelegenheid is ......
A
de vraag naar arbeid
B
het aanbod van arbeid

Slide 13 - Quizvraag

Wat is de beroepsbevolking?
A
Groep personen tussen 15 en 75
B
Groep personen tussen 15 en 65
C
Alle werkende en niet werkende mensen
D
geen van bovenstaande antwoorden

Slide 14 - Quizvraag

Wat gebeurt er met de werkgelegenheid wanneer een bedrijf failliet gaat?
A
Stijgt
B
Daalt

Slide 15 - Quizvraag

werknemer
werkgever
aanbod van arbeid
vraag naar arbeid

Slide 16 - Sleepvraag

Sleep de woorden rechts naar de juiste plek
Post nl. hoeft geen nieuw personeel nodig .
Het bedrijf heeft geen
Sterker nog: Post nl onslaat mensen
De                                        neemt bij
PostNL af.  
De ontslagen werknemers horen, ook al
hebben ze geen werk meer, toch nog bij de                                        
De ontslagen werknemers gaan op zoek naar ander werk. 
 Zij bieden zich aan op de arbeidsmarkt en horen
daarom bij het
vacatures
vraag naar arbeid
aanbod van arbeid
beroepsbevolking

Slide 17 - Sleepvraag

Alle bezette en onbezette arbeidsplaatsen bij elkaar opgeteld noem je de:
A
Arbeidsmarkt
B
Beroepsbevolking
C
Werkeloosheid
D
Werkgelegenheid

Slide 18 - Quizvraag

Arbeidsmarkt
Geheel van vraag naar arbeid en aanbod van arbeid.

Slide 19 - Tekstslide

Zoeken naar personeel
  • Vacature (personeelsadvertentie van een bedrijf) te plaatsen op de website van het bedrijf, op sociale media of op een vacaturesite
  • Werk.nl (site van het UWV)
UWV = overheidsinstelling die de arbeidsmarkt in de gaten houdt.
Hier schrijf je je in, zodat je een uitkering krijgt (als je aan een aantal voorwaarden voldoet).

Slide 20 - Tekstslide

Verborgen werkeloosheid
Als werkzoekenden zonder baan niet bij het UWV zijn ingeschreven.

Slide 21 - Tekstslide

Regionale werkeloosheid
Het werkloosheidpercentage ligt in een bepaald gebied ver boven het Nederlands gemiddelde.

Slide 22 - Tekstslide

Rekenvaardigheden
Ik let er op dat ik:
  • Een berekening geef
  • De eenheid erbij zet: €
  • Een komma zet ipv een punt
  • 2 cijfers achter de komma zet
Rekentrainer B 6.1

Slide 23 - Tekstslide


Antwoord lesdoel(en)

Slide 24 - Open vraag

Vraagbokaal
Bedenk een (toets)vraag en schrijf die op een papiertje 
(met antwoord). 
De beste vragen komen in de pot.
De volgende les start ik met een vraag uit de bokaal.

Slide 25 - Tekstslide

Samenvatting B

Slide 26 - Tekstslide

Samenvatting T

Slide 27 - Tekstslide



B
Leren en maken:
Hoofdstuk 7 paragraaf 2




KT
Leren en maken:
Hoofdstuk 7 paragraaf 2



Huiswerk

Slide 28 - Tekstslide

Nabespreking
Hoe is het gegaan?
Wat ging goed?
Wat vond je moeilijk?
Welke vragen heb je nog?

Slide 29 - Tekstslide

Overige dia's

Slide 30 - Tekstslide

film 15 minuten
De arbeidsmarkt

Slide 31 - Tekstslide

Slide 32 - Video

Waaruit bestaat de beroepsbevolking?
A
Mensen die op zoek zijn naar een baan in de marktsector
B
Mensen die een baan hebben in de collectieve sector
C
Mensen die betaald werk hebben in de collectieve of marktsector
D
Mensen die betaald werk hebben of op zoek zijn naar een baan

Slide 33 - Quizvraag

Wat gebeurt er met de werkgelegenheid bij mechanisatie en automatisering?
A
Neemt toe
B
Neemt af
C
Blijft gelijk

Slide 34 - Quizvraag

Wat is een vacature
A
Een baan die niet beschikbaar is
B
Een waar die onbeschikbaar is
C
Een openstaande baan waar niemand voor gezocht wordt
D
Een openstaande baan waar iemand voor wordt gezocht.

Slide 35 - Quizvraag