1TA Lezen §4 Tekstdoelen en tekstsoorten deel 2

  • Verder in je leesboek!
    * Gebruik de laatste minuut om te noteren wat je hebt gelezen (steekwoorden).
§4 Tekstdoelen en
tekstsoorten (deel 2)
Startopdracht:
timer
10:00
1 / 15
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2

In deze les zitten 15 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

  • Verder in je leesboek!
    * Gebruik de laatste minuut om te noteren wat je hebt gelezen (steekwoorden).
§4 Tekstdoelen en
tekstsoorten (deel 2)
Startopdracht:
timer
10:00

Slide 1 - Tekstslide

  • Je kunt het verschil herkennen tussen activerende, amuserende, informerende, instruerende en overtuigende teksten.
  • Je kunt schrijven (en spreken) met een herkenbaar doel.

Lesdoelen

Slide 2 - Tekstslide

In deze les:
  • Huiswerk bespreken
  • Verder werken aan paragraaf 4.
  • Afronden.

Slide 3 - Tekstslide

Tekstdoelen en tekstsoorten


Een schrijver van een tekst wil iets bereiken met zijn tekst. Hij heeft een tekstdoel. In totaal zijn er vijf tekstdoelen: amuseren, informeren, instueren, overtuigen, activeren.
Bepaal wat het belangrijkste is wat de schrijver met de tekst wil bereiken. Zo kom je erachter met welke tekstsoort je te maken hebt. Lees je bijvoorbeeld een nieuwsbericht of een gebruiksaanwijzing?

Slide 4 - Tekstslide

informeren
  • Een schrijver die als doel informeren heeft, wil dat jij iets te weten komt. 
Tekstdoelen en tekstsoorten
DDU
Wat voor soort teksten passen bij dit tekstdoel?

Slide 5 - Tekstslide

instrueren
  • Een schrijver die als doel instrueren heeft, wil dat jij leert hoe je iets moet doen.

Tekstdoelen en tekstsoorten
DDU
Wat voor soort teksten passen bij dit tekstdoel?

Slide 6 - Tekstslide

overtuigen
  • Een schrijver die als doel overtuigen heeft, wil dat jij zijn mening overneemt.
Tekstdoelen en tekstsoorten
DDU
Wat voor soort teksten passen bij dit tekstdoel?

Slide 7 - Tekstslide

amuseren
  • Een schrijver die als doel amuseren heeft, wil dat jij je vermaakt.
Tekstdoelen en tekstsoorten
DDU
Wat voor soort teksten passen bij dit tekstdoel?

Slide 8 - Tekstslide

(Ver)werken
Wat?
Cursus 1.4 Tekstdoelen en tekstsoorten.
Maken: Opdracht 4 (blz. 28-30).

Hoe?
Keuze: zelfstandig of in tweetallen.

Hulp
De 4 B's en het oogje.

Tijd
Timer.

Klaar?
Verder in je leesboek!

timer
15:00

Slide 9 - Tekstslide

  • Je kunt het verschil herkennen tussen activerende, amuserende, informerende, instruerende en overtuigende teksten.
  • Je kunt schrijven (en spreken) met een herkenbaar doel.

Lesdoelen

Slide 10 - Tekstslide

Start
timer
3:00

Slide 11 - Tekstslide

Sleep de juiste tekstsoorten bij de juiste tekstdoelen.
tekstdoel informeren
tekstdoel overtuigen
tekstdoel instrueren
Een tijdschriftartikel over bosbranden.
Een beoordeling van een spel.
Een recept voor koekjes.

Slide 12 - Sleepvraag

Welke tekstvorm hoort bij het gegeven tekstdoel?
Overtuigen
Amuseren
informeren

Slide 13 - Sleepvraag

Tekstdoel?

Slide 14 - Open vraag

Neem deel onze LessonUp klas
Wat kun je hier vinden?
  • LessonUps
  • Video's
  • Handige websites 

Klassencode
1tb: ztblj

Slide 15 - Tekstslide