Beco les

Beco Examenopgave Bobo
1 / 15
volgende
Slide 1: Tekstslide
BedrijfseconomieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 6

In deze les zitten 15 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Beco Examenopgave Bobo

Slide 1 - Tekstslide

Inleiding examenopgave Bobo
  • Eenmanszaak die handelt in artikel Bobo  
  • Inzicht in de ontvangsten en uitgaven van het bedrijf
  • Balans Bobo per 1 januari 2019
  • Liquiditeitsbegroting en geprojecteerde balans opstellen

Slide 2 - Tekstslide

Bedrijfsresultaat
Brutowinst 
- bedrijfskosten
=Bedrijfsresultaat

Vb bedrijfskosten:
afschrijvingskosten, interestkosten etc. 

Slide 3 - Tekstslide

Liquiditeitsbegroting

= een overzicht van alle verwachte ontvangsten en uitgaven van een onderneming in een bepaalde periode.


*Bij deze opdracht blijft de BTW buiten beschouwing


De bedragen bij de liquiditeitsbegroting worden inclusief BTW gerekend. 

Slide 4 - Tekstslide

Kan je afschrijving op vaste activa terugvinden op de liquiditeitsbegroting?
A
Ja
B
Nee

Slide 5 - Quizvraag

Geprojecteerde balans
= een voorspelling van de financiële situatie op een specifiek moment in de toekomst met als doel om inzicht te krijgen in je verwachte toekomstige situatie.
- Onderdelen van deze balans zijn: Activa(bezittingen), Passiva(schulden en leningen) en het Eigen Vermogen.





Slide 6 - Tekstslide

Tips
  • Let op eventuele tussentijdse aflossingen  
  • Beginvoorraad + inkopen - verkopen= eindvoorraad (vraag 4)
  • Bij het invullen van de begrotingen kan je sommige posten al aflezen uit de tekst. 
  • Let op: maak bij opdracht 5 onderscheid tussen kosten en uitgaven
timer
40:00

Slide 7 - Tekstslide

Vraag 2: Wat is het bedrag van het bedrijfsresultaat(Nettowinst)?
A
295.300
B
311.400
C
298.400
D
297.200

Slide 8 - Quizvraag

Uitwerking Opgave 2
2. 
(1) Brutowinst (Verkoopresultaat): 20/120 x 2.640.000 = 440.000,- 
(2) Afschrijvingskosten: 10% x (10/7,5 x 390.000) = 52.000,- (of 390.000/7,5)
(3) Interest kosten: 3/12 x 8% x 260.000 + 9/12 x 8% x 240.000 = 19.600,-
Overige kosten: 70.000
-> 141.600
(4) 440.000 - 141.600 = 298.400 ,-
Bedrijfsresultaat (Nettowinst) = 298.400,-

Slide 9 - Tekstslide

Uitwerking opgave 3
3.
(2) 80.000 + 70% x 2.640.000 - 60.000 = € 1.868.000,-
De debiteuren bestaan o.a. uit de verkopen op rekening!

Slide 10 - Tekstslide

Vraag 4: Hoe bereken je de inkoopwaarde van de verkopen?
A
0,20 x 2.640.000
B
100/120 x 2.640.000
C
20/120 x 2.640.000
D
1,20 x 2.640.000

Slide 11 - Quizvraag

Uitwerking Opgave 4
4. 
(1) Inkoopwaarde verkopen: 100/120 x 2.640.000 = € 2.200.000,
Beginvoorraad + Inkopen - Verkopen = Eindvoorraad
(2) 240.000 + Inkopen - 2.200.000 = 340.000
Inkopen = € 2.300.000,-

Slide 12 - Tekstslide

Uitwerking Opgave 5

Slide 13 - Tekstslide

Vraag 6: Met hoeveel veranderd de post Eigen Vermogen?
A
620.400
B
198.400
C
218.400
D
620.500

Slide 14 - Quizvraag

Uitwerking Opgave 6

Slide 15 - Tekstslide