Een zin:
- begint met een hoofdletter.
- eindigt met een punt.
- kan een persoonsvorm hebben --> enkelvoudige zin.
- kan twee persoonsvormen hebben --> samengestelde zin.
- in samengestelde zinnen gebruiken we vaak voegwoorden --> omdat, maar, en, of, zodat, etc.
Die voegwoorden geven een verband aan tussen de zinnen.
"Ik vind deze film spannend, omdat er veel schrikmomenten inzitten."
"Het boek is goed geschreven, maar ik vond het erg langdradig."
"Mijn favoriete game is verslavend, daardoor wil ik het de hele tijd blijven spelen.