H1 en 2

Thema Werk
Paragraaf 1.1 Wat is werk & paragraaf 1.2 Wat is arbeid inhoud. 
1 / 53
next
Slide 1: Slide
MaatschappijkundeMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 3

This lesson contains 53 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 5 min

Items in this lesson

Thema Werk
Paragraaf 1.1 Wat is werk & paragraaf 1.2 Wat is arbeid inhoud. 

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Je kan de betekenis van werk uitleggen. 

Je kan de 5 redenen om te werken benoemen 


Lesdoel

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Wat is werk?
Alle activiteiten die nuttig zijn voor jezelf + anderen + de samenleving

Verschil tussen werk en hobby:
- voor werk word je betaald
- werken heeft ook nut voor anderen, hobby is voor jezelf
- op je werk worden dingen van je verwacht

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Er zijn verschillende redenen waarom mensen werken. Volgens de Amerikaanse psycholoog Maslow heeft ieder mens vijf basisbehoeften:
Waarom werken we?

1. Eerste levensbehoeften.
2. Behoefte aan veiligheid & zekerheid.
3. Behoefte om erbij te horen (sociaal).
4. Behoefte aan erkenning & waardering.
5. Behoefte van zelfontplooiing/ontwikkeling.

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Piramide van Maslow

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Met het geld wat je verdient kun je dingen kopen waar je niet zonder kunt. Zoals: 


1. Eerste levensbehoefte
1. Eten en drinken.
2. Kleding.
3. Een woning.

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Mensen willen graag de zekerheid in het leven hebben dat ze voor langere tijd voldoende inkomsten houden.

Met een vaste baan raak je bijvoorbeeld minder snel je baan kwijt en kun je gemakkelijk een hypotheek afsluiten.

2. Behoefte aan veiligheid en zekerheid

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Voor veel mensen is het contact met andere mensen op de werkvloer erg belangrijk. 
Zo kun je met collega’s vaak over allerlei onderwerpen spreken                    sociale behoefte

3. Sociaal contact

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

Mensen vinden het belangrijk dat het werk dat ze doen gewaardeerd wordt door anderen. Ook kan het beroep dat je hebt je aanzien of status geven.

4. Behoefte van erkenning en waardering
Status
De waardering die mensen geven aan je beroep.


Slide 9 - Slide

This item has no instructions

5. Behoefte aan zelfontplooiing
Werk kan je helpen om ergens steeds beter in te worden. Wanneer je in je werk steeds nieuwe doelen bereikt, voel je je trots.

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Werk helpt je om in je basisbehoeften te voorzien, maar is ook belangrijk voor de samenleving. Iedereen in Nederland betaalt:

Belasting: Hier worden dingen van betaald waar we allemaal belang bij hebben.
Premies: Hiervan kan een uitkering worden betaald wanneer je bijvoorbeeld werkloos of ziek wordt.

Voor jezelf en anderen

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Door te werken ontwikkel je een identiteit.

  • Ik ben leraar
  • Ik ben automonteur
  • Ik ben …?




Identiteit

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Capaciteit bepaald door....
-Aanleg of talent: waar ben je goed
 in, wat vind je leuk
-Opleiding: op school je kennis en 
vaardigheden vergroten
-Werkervaring: waar je werkt of hebt
 gewerkt 
 

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Betaald of onbetaald?
Betaald werk:
- in loondienst: je krijgt salaris 
- zelfstandige: je hebt een eigen bedrijf

Onbetaald werk:
vrijwilligerswerk, huishoudelijk werk, huiswerk, voor kinderen zorgen

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Wit of zwart werken
Wit werken
  • Betaald belasting en sociale premies
  • Recht op doorbetaling tijdens ziekte
  • Zekerheid op inkomen
  • Verzekerd voor ongevallen
Zwart werken
  • Betaald geen belasting en sociale premies
  • Meestal contant betaald
  • Strafbaar

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Aan het werk
Lezen H1.1 en H1.2
Maken: 1 t/m 8
Klaar?--> 9 t/m 12

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

Door welke drie onderdelen wordt je capaciteit bepaald?
A
Inkomen, arbeidsinhoud, voorwaarden
B
Aanleg, opleiding, werkervaring
C
Werkervaring, inkomen, ontplooien
D
Sociale contacten, inkomen, talent

Slide 17 - Quiz

This item has no instructions

Welke basisbehoefte gaat over persoonlijke ontwikkeling?
A
Sociale contacten
B
Ontplooiing
C
Zekerheid
D
Waardering

Slide 18 - Quiz

This item has no instructions

Welke basisbehoefte heeft betrekking op het verlangen naar erkenning?
A
Ontplooiing
B
Sociale contacten
C
Zekerheid
D
Waardering

Slide 19 - Quiz

This item has no instructions

Hoe wordt de basisbehoefte 'sociale contacten' vervult door werk?
A
Inkomen
B
Regelmaat + lange termijn
C
Collega's
D
Ontplooien

Slide 20 - Quiz

This item has no instructions

Wat is de Arbowet?
A
Hierin staan de regels van een bedrijf
B
Hierin staan de regels voor het gezond en veilig werken
C
Hierin staan de regels van de kantine van een bedrijf
D
Hierin staan de regels voor een leuke baan

Slide 21 - Quiz

This item has no instructions

Is vrijwilligerswerk ook werk?
A
Nee je krijgt niet betaald
B
Nee het is niet nuttig voor jezelf
C
Ja het is nuttig voor jezelf en anderen
D
Ja het is nuttig voor je omgeving

Slide 22 - Quiz

This item has no instructions

Bij welk onderdeel van de Arbowet hoort deze uitspraak:
Je mag geen eentonig werk doen
A
Gezondheid
B
Veiligheid
C
Welzijn

Slide 23 - Quiz

This item has no instructions

Arbeidsinhoud betekent:
A
Wat je precies als werk doet.
B
Afspraken tussen jou en je baas.
C
Alle dingen die te maken hebben met je werkplek
D
Omgang met collega's en je baas.

Slide 24 - Quiz

This item has no instructions

Als je ... werk doet, betaal je geen belasting en heb je geen rechten.
A
Zwart
B
Rood
C
Wit
D
Blauw

Slide 25 - Quiz

This item has no instructions

Een voordeel van wit werken is ...
A
Ik kan een hypotheek afsluiten.
B
Ik betaal geen belastingen.
C
Ik mag niemand vertellen dat ik een baan heb.
D
Ik krijg een boete als ik door de arbeidsinspectie aan het werk betrapt word.

Slide 26 - Quiz

This item has no instructions

Een voordeel van wit werken is ...
A
Ik kan een hypotheek afsluiten.
B
Ik betaal geen belastingen.
C
Ik mag niemand vertellen dat ik een baan heb.
D
Ik krijg een boete als ik door de arbeidsinspectie aan het werk betrapt wordt.

Slide 27 - Quiz

This item has no instructions

Brutoloon is....
A
je loon volgens je contract.
B
wat je overhoudt na je inhoudingen.
C
heel zwaar loon.
D
iets met een bowlingbaan.

Slide 28 - Quiz

This item has no instructions

Wat is netto loon?
A
Geld dat je overhoud aan het einde van de maand
B
geld dat je krijgt van je werkgever
C
belasting
D
geld dat uiteindelijk op je rekening wordt gestort

Slide 29 - Quiz

This item has no instructions

Door de overheid zijn allerlei regels vastgesteld waaraan je werkplek minimaal moet voldoen.

Arbowet         (Arbeidsomstandighedenwet) Hierin staat hoe werkgevers moeten zorgen voor gezonde en veilige werkplekken.

De regels uit de Arbowet worden gecontroleerd door de arbeidsinspectie. 

 

2.1 Arbeidsomstandigheden

Slide 30 - Slide

This item has no instructions

arbeidsomstandigheden

Slide 31 - Slide

This item has no instructions

Hoe je praktische werksituatie eruit ziet (werkplek).
H2.1 Arbeidsomstandigheden
Arbeidsomstandigheden
Wat vind jij belangrijk als het gaat om jouw werkplek?

Slide 32 - Slide

This item has no instructions

De arbeidsinspectie controleert of de werkgevers zich aan de arbowet houden. Deze wet is ingedeeld in 3 onderdelen:

     Veiligheid: Machines moeten veilig zijn en goede vluchtroutes bij
      brand.

     Gezondheid: Er mag niet met gevaarlijke stoffen gewerkt worden.

     Welzijn:  Het werk mag niet te geestdodend zijn, daarnaast moeten de
      werknemers beschermd zijn tegen intimidatie en geweld. 

 

2.1 Arbeidsomstandigheden

Slide 33 - Slide

This item has no instructions

de 3 onderdelen van Arbowet

Slide 34 - Slide

This item has no instructions

Regels voor jongeren

Voor jongeren onder de 18 jaar gelden speciale regels rondom werk. Deze regels staan in de Arbeidsbesluit jeugdigen (ABJ). Deze regels zijn strenger dan de regels in de Arbowet.


Wat staat er in ABJ?

  • niet te zwaar tillen
  • niet werken met lawaai harder dan 90 db
  • niet met gevaarlijke stoffen werken
  • geen eentonig/eenzaam werk doen

Slide 35 - Slide

This item has no instructions

Arbeidsvoorwaarden          afspraken die gelden als je ergens werkt

2.2 Arbeidsvoorwaarden
Deze afspraken worden op papier gezet in je arbeidscontract.
  • Tussen jouw en je baas: individuele arbeidsovereenkomst.  
  • Voor alle werknemers in dezelfde branche: collectieve arbeidsovereenkomst (cao). 

Slide 36 - Slide

This item has no instructions

Arbeidsvoorwaarden

Slide 37 - Slide

This item has no instructions

Dingen die in je contract staan:
  • omschrijving werk
  • datum in dienst
  • proeftijd
  • hoeveel uur
  • salaris
  • toeslagen
  • vakantiedagen en vakantiegeld
  • contract duur
  • opzegtermijn
Als je onder een CAO (collectieve arbeidsovereenkomst) valt dan hoeven sommige punten niet in je contract te staan want dit kan je dan nalezen in de CAO. BV CAO VMBO 


Slide 38 - Slide

This item has no instructions

Het loon
  • Nettoloon
  • Het loon dat je ontvangt op je bankrekening
  • Brutoloon
  • Het loon loon dat je met je werkgever hebt   afgesproken (nog niets op ingehouden)
  • Inhoudingen  
  • Loonbelasting en sociale premies

Slide 39 - Slide

This item has no instructions

Regels over loon
Minimumloon: iedereen tussen 22 en 65 jaar heeft recht op een minimumloon. 
Jongeren tussen 15 en 22 jaar hebben een apart minimum jeugdloon. 


Uitleg

Slide 40 - Slide

This item has no instructions

Je kunt niet zomaar ontslagen worden of plotseling opstappen.

2.2 Arbeidsvoorwaarden
Opzegtermijn            tijd tussen ontslag of opzeggen en wanneer je daadwerkelijk vertrekt.

Ontslag op staande voet         Per directe beëindiging contract vanwege bijzondere, ernstige gevallen.

Slide 41 - Slide

This item has no instructions

Ontslag

Slide 42 - Slide

This item has no instructions

Gelijke behandeling
Artikel 1 grondwet: allen die zich in Nederland bevinden moeten in gelijke gevallen gelijk behandeld worden'

Wet gelijke behandeling (WGB) 
Er mag geen onderscheid tussen man en vrouw gemaakt worden. 
Gediscrimineerd? Ga naar College voor Rechten van de Mens

Slide 43 - Slide

This item has no instructions

Lesdoelen
  • Wat is werk en waarom werken we?
  •  Wat is arbeidsinhoud?
  • Wat zijn arbeidsomstandigheden
  • Wat zijn arbeidsvoorwaarden?

Slide 44 - Slide

This item has no instructions

Arbeidsverhoudingen
Relaties tussen werkgevers en werknemers.

Slide 45 - Slide

This item has no instructions

Bedrijfscultuur
De manier waarop mensen met elkaar omgaan op het werk.

Slide 46 - Slide

Leg hierbij het verschil tussen de open en gesloten bedrijfscultuur uit.
Bedrijfscultuur
  • Normen
  • Waarden                                       = binnen een bedrijf.
  • Gewoonten
  • omgangsnormen

Slide 47 - Slide

This item has no instructions

Formele- en informele verhoudingen
Formele verhoudingen
De formele verhoudingen zijn gebaseerd op functies, taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden.
Informele verhoudingen
Deze verhoudingen zijn gebaseerd op persoonlijke kenmerken. 

Slide 48 - Slide

This item has no instructions

De arbeidsverhoudingen zijn gebaseerd op geschreven regels, bijvoorbeeld niet in een korte broek werken. 

Daarnaast heeft een bedrijf ook ongeschreven regels, bijvoorbeeld aan het einde van de werkweek een vrijdagmiddagborrel. 
3.1 Arbeidsverhoudingen

Slide 49 - Slide

This item has no instructions

Verhoudingen op de werkvloer
Formele verhoudingen: een voorbeeld
- wie beslist er wat op de werkvloer? 

Een docent mag veel beslissen over zijn lessen,
maar vrije dagen opnemen? Dat beslist de baas! 


Informele verhoudingen: een voorbeeld
- je kunt met de ene persoon beter overweg dan met de andere.

Slide 50 - Slide

This item has no instructions

stijlen van leidinggeven
Autoritaire stijl
De autoritaire baas legt de nadruk op arbeidsprestaties van de werknemers. 
Democratische stijl
De democratische baas wil de beslissingen samen met de werknemers maken. 
Raadplegende stijl
De baas geeft zijn personeel inspraak. Hij vraagt hen voordat hij beslissingen maakt. 

Slide 51 - Slide

This item has no instructions

De inspraak en medezeggenschap wordt terug gezien in drie soorten overleg. 

Werkoverleg: elke week of elke maand een werkoverleg. Je praat elkaar dan bij over de praktische problemen. 
Personeelsvergadering: Ong. twee keer per jaar hebben bedrijven een personeelsvergadering. Hier is iedereen bij aanwezig en worden de algemene zaken gedeeld. 
Ondernemingsraad (OR): Elk bedrijf met +50 werknemers moet een OR hebben. Zij vertegenwoordigen het personeel. Hierin is spraak van medezeggenschap
Overleggen

Slide 52 - Slide

This item has no instructions

Lesdoel(en)
Aan het einde van de les:
Weet jij wat arbeidsverhouding is en waar dit op gebaseerd is.
Weet jij wat een bedrijfscultuur is.
Weet jij welke soorten verhoudingen er zijn binnen een bedrijf.
Weet jij wat voor stijlen een leidinggevende kan hebben.
Weet jij wat inspraak en medezeggenschap is.
Weet jij drie soorten overleggen tussen werknemers en werkgevers.

Slide 53 - Slide

This item has no instructions