Regels persoonsvorm tegenwoordige tijd (pvtt)
Je hebt geleerd dat er drie manieren zijn om de pvtt te spellen:
- ik-vorm: ik loop, loop je
- ik-vorm+t: jij loopt, hij/zij/het loopt, u loopt, loopt u?
- hele werkwoord: wij lopen, jullie lopen, zij lopen
Bij onregelmatige werkwoorden gelden deze regels niet.