Samenwerken

Beroepspraktijkvorming

Samenwerken


#team #goedesamenwerking #slechtesamenwerking
          #conflicten #individueelwerken #torenbouwen
1 / 19
next
Slide 1: Slide
MentorlesMBOStudiejaar 1

This lesson contains 19 slides, with interactive quiz, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Beroepspraktijkvorming

Samenwerken


#team #goedesamenwerking #slechtesamenwerking
          #conflicten #individueelwerken #torenbouwen

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Inhoud
  1. Lesdoelen
  2. Verwachtingen
  3. Samenwerken volgens jullie
  4. Wat is samenwerken?
  5. Hoe goed kun jij samenwerken?
  6. Samenwerken in de praktijk
  7. Vragen en feedback
  8. Terugblik lesdoelen 

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Terugblik en verwachtingen

  • Wat hebben we vorige les besproken? 

  • Wat wil jij weten over het onderwerp samenwerken?   

Slide 3 - Slide

Je kunt dit op laten schrijven op een post-it door studenten, maar ook een mentimeter gebruiken: https://www.mentimeter.com/app/home

Als er nieuwe dingen bij staan die niet in deze les besproken worden kun je hier desgewenst een les aan besteden met de groep of individueel aandacht aan besteden. 
Lesdoelen
  1. Kun je in eigen woorden uitleggen wat samenwerken inhoudt
  2. Weet jij of jij goed kunt samenwerken of niet
  3. Heb je samenwerken geoefend


Aan het einde van deze les...

Slide 4 - Slide

Blik terug op het onderwerp van vorige les. Wat is er besproken? Je kunt dit op veel interactieve manieren doen, zoals; schrijf een onderwerp van vorige les op een blaadje en deel aan iedereen 1 onderwerp uit. Laat ze vertellen wat het ook alweer was en waar het in de les over ging.

Dit kun je ook doen bij de verwachtingen ophalen; 
je kunt dit op laten schrijven op een post-it door studenten, maar ook een mentimeter gebruiken: https://www.mentimeter.com/app/home
Als er nieuwe dingen bij staan die niet in deze les besproken worden kun je hier desgewenst een les aan besteden met de groep of individueel aandacht aan besteden. 
Waar denk je aan bij samenwerken?

Slide 5 - Mind map

Vraag aan de studenten wat hun ervaringen zijn m.b.t. samenwerken? Je kunt de volgende vragen aan ze stellen:

  • Wanneer moeten mensen samenwerken?
  • Wat zijn de voor en nadelen van samenwerken?
  • Waarom is het belangrijk op stage samen te werken?
  • Hoe werkt de student samen op de BPV?
  • Wie werkt er graag samen en wie werkt er graag alleen?

Wat betekent samenwerken?

  • Samen iets willen bereiken
  • Je bereikt een doel samen als je duidelijke afspraken maakt
  • Een samenwerking vindt plaats tussen twee of meer personen                               

  • Je hebt verschillende niveaus van samenwerken:

  • Microniveau: je werkt samen met je collega’s
  • Mesoniveau: je werk samen met je collega’s van andere afdelingen       binnen hetzelfde bedrijf
  • Macroniveau: Je werkt samen met een ander bedrijf                                                                                             Geef antwoord op vraag 1A

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Slide 7 - Slide

Laat de video zien. Vraag achteraf aan de student wat er fout gaat. Laat ze vraag 1B beantwoorden. 

Link filmpje: https://youtu.be/RCY3qSyTGXY?si=DehdpqvojrJ4e0cJ&t=3

Slide 8 - Slide

Laat de video zien. Vraag achteraf aan de student wat er goed gaat.

 
Na de klassikale uitleg geven studenten antwoord op vraag 1C

Link filmpje: https://youtu.be/kFThKXT0AYw?si=_ZjAVFikizaC6leY&t=5
Voordeel en nadeel 

  • Wat zijn voordelen en nadelen van samenwerken?                     

  • Voordelen:
  • Kennis en ervaringen delen
  • Tijd besparen door taken te verdelen
  • Steunen, inspireren en motiveren
  • Feedback geven en ontvangen                                                                   

  • Nadelen:
  • Kan veel tijd kosten
  • Meelifters kunnen profiteren van           samenwerken in een team
  • Verschil van mening in het team
  • Het nemen van besluiten kan lang duren
  • Niet iedereen voelt zich vrij om ideeën te delen
  • Sommige collega’s werken het liefst alleen


  • Geef antwoord op vraag 1D en 1E

Slide 9 - Slide

Vraag aan de student wat de voor- en nadelen zijn van samenwerken. Je kunt dit interactief doen door 2 kleuren post its te pakken en ze deze daarna te laten opplakken, bijv. op het bord. Links - voordeel en rechts - nadeel. 

Leg vervolgens uit wat de voor- en nadelen zijn van samenwerken.

Na de klassikale uitleg geven studenten antwoord op vraag 1D en 1E. 

Hoe dan? 

  • Hoe kun je het beste samenwerken? Ervaringen en voorbeelden!                     

  • Afspraken: 

  • Duidelijke afspraken maken 
  • Verwachtingen bespreekbaar maken (4 w’s).
  •                  Wie?
  •                  Wat?
  •                  Waar?
  •                  Wanneer? 


  • Communicatie:

  • Naar elkaar luisteren
  • Feedback geven
  • Inlevingsvermogen hebben



  • Geef antwoord op vraag 1F en 1G

Slide 10 - Slide

Vraag aan de student hoe je het beste kunt samenwerken en wat hun ervaringen zijn met samenwerkingen.
Laat ze voorbeelden benoemen.

Leg uit hoe je het beste kunt samenwerken.

Bespreek de woorden: luisteren, feedback en inlevingsvermogen. Voorbeelden in hun BPV?

Na de klassikale uitleg geven studenten antwoord op vraag 1F.

Samenwerken!
Als groep tellen jullie hardop van 1 tot 20 zonder dat 2 mensen tegelijk 
hetzelfde nummer zeggen.

Regels:
  • Het gaat niet op tijd en er mogen oneindig veel pogingen gedaan worden
  • Niemand mag praten, signalen geven zoals knikken, gebaren, voeten stampen, etc.
  • Als een nummer door 2 mensen op hetzelfde moment gezegd wordt dan begint het tellen opnieuw! 

Slide 11 - Slide

Voorbeeld opdracht, je kunt ook iets anders bedenken! Doel is dat de groep merkt dat zonder samenwerking het spel niet loopt.

De hele groep doet mee, iedereen mag een getal noemen oplopend van 1 tot 10 maar als 2 studenten tegelijk iets roepen moet je opnieuw beginnen. Afspreken mag niet! Benoem duidelijk wat de regels zijn.

Je kunt het spel leuker en spannender maken door te vertellen dat ze maar d20e kansen krijgen en je kunt er een beloning aan verbinden (mag, moet niet). 

Conflicten
Het is mogelijk dat er een conflict ontstaat tijdens het werk.
Wat is een conflict?

  • Een conflict heeft verschillende gevolgen:
  • Geen vertrouwen
  • Doelen worden niet bereikt
  • Geen fijne werksfeer

  • Er zijn vier manieren om op een conflict te reageren. Weet jij welke?

  1. Ontlopen: je gaat een conflict uit de weg
  2. Aanpassen: je past jezelf aan
  3. Forceren: je gaat in discussie en je wilt je zin doordringen
  4. Confronteren / compromis sluiten: je wilt dat beide partijen zich aan elkaar aanpassen

Slide 12 - Slide

Vraag studenten naar de ervaringen van samenwerken. Hoe ontstaan er conflicten? Hebben ze dit wel eens meegemaakt op hun BPV?  Hoe kun je conflicten voorkomen? Praat er samen over.  

Hoe ga je om met conflicten en hoe los je ze op. Leg de studenten uit dat het niet de bedoeling is dat ze meteen stoppen met hun stage. Conflicten dienen opgelost te worden en vertel ook dat het belangrijk is dat je pas je stage stopt als er een conflict is opgelost.

Als BPV begeleider kun je een melding maken als je iets hoort in de les en bespreekt met de student dat niet oké is. Dit doe je in het meldingsformulier van Sociale veiligheid en de projectleider BPV te benaderen. 


Na de klassikale uitleg geven studenten antwoord op vraag 1G.

Slide 13 - Video

Hoe niet oplossen? Speel af t/m 00:54
Oplossen?! 
  • Leren herkennen, benoemen en begrijpen van hun gevoelens.
  • Eigen wensen en behoeften leren uitdrukken, leren communiceren
  • Inlevingsvermogen.
  • Respectvol naar elkaar luisteren
  • Om de beurt leren praten
  • Elkaar niet veroordelen
  • Het probleem aanpakken en niet de persoon
  • Oplossingen zoeken door te brainstormen
  • Andere oplossingen zoeken zonder fysiek geweld


  • Geef antwoord op vraag 1H en 1I


Slide 14 - Slide

Vraag aan de student hoe je een conflict kunt oplossen. 

Vraag voorbeelden uit eigen praktijkervaring. Bespreek de oplossingen van de dia en de woorden die er staan - Hoe doe je dit dan? Hoe luister je respectvol? Leg uit dat je altijd bij jezelf moet blijven; praat in IK vorm en niet jij, jij, jij. Leg uit hoe je begrip toont, misschien heeft een student een voorbeeld, bespreek dit. 

Na de klassikale uitleg geven studenten antwoord op vraag 1H en 1I.

Test jezelf!
Maak opdracht 2A individueel

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Scores

Slide 16 - Slide

Dit kun je printen voor studenten, maar ook klassikaal laten zien. Laat ze hun totaalscore berekenen. 
Uitslag

  • 10 t/m 16 punten
  • Jij werkt liever alleen.
  • Je kunt nog niet zo goed samenwerken. Maar dat is ook omdat je het niet leuk vindt. Je vindt het veel fijner om alleen te werken. Dan kun je je eigen ding doen. En dan hoef je geen rekening te houden met klasgenoten of collega's.

  • 17 t/m 23 punten
  • Samenwerken verloopt soms goed en soms wat minder.
  • De ene keer werk je goed samen, de andere keer gaat het niet helemaal goed. Je vindt het wel prettig om samen te werken, maar het maakt wel uit met wie. Je kunt met bepaalde mensen veel beter samenwerken dan met andere. Je laat de leiding graag over aan iemand anders, jij volgt wel! 

  • 24 t/m 30 punten 
  • Jij kunt goed samenwerken.
  • Jij vindt het erg leuk en prettig om samen te werken. Je neemt graag de leiding en probeert anderen altijd te motiveren. Liever samenwerken dan alleen aan een opdracht of klus zitten.


  • Geef antwoord op vraag 2B

Slide 17 - Slide

Bespreek wie er welke uitslag had, herkennen studenten zich hierin? Waarom wel/niet? 
Vragen en feedback

Slide 18 - Slide

Bespreek vragen en feedback
Terugblik lesdoelen
  1. Kun je in eigen woorden uitleggen wat samenwerken inhoudt
  2. Weet jij of jij goed kunt samenwerken of niet
  3. Heb je samenwerken geoefend

  •                        To do: Geef tenslotte antwoord op vraag 2C


Nu...

Slide 19 - Slide

Blik terug. Schrijf de doelen op een blaadje, deel dit random uit en laat studenten wat er op staat beantwoorden. Kan ook klassikaal.