Coaching bij leerpad 3

1 / 49
next
Slide 1: Slide

This lesson contains 49 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Vrijdagnamiddag. Sportles! De lln van 3EW zijn enthousiast en ook mevr. Verboven heeft er zin in.
Ze wil dat de lln aan het einde van de les een correcte basketbaldribbel kunnen uitvoeren. 
Ze vertelt gepassioneerd over de geschiedenis van basketbal en hoe ze zelf deelnam aan verschillende competities wereldwijd. 
Daarna laat ze de leerlingen oefenen met het dribbelen, ze rekent op de voorkennis van de lln en laat hen wat oefenen. 
Op het einde van de les laat mevr. Verboven de lln een match spelen. Dat vinden ze leuk! Mevr. Verboven geeft punten.
Het was een toffe les 🤩

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

lesdoel
leeractiviteiten
evaluatie
De lln kunnen een correcte basketbaldribbel uitvoeren.
De lkr geeft toelichting.
De lln oefenen.
De lln spelen een match.

Slide 9 - Drag question

Zijn alle componenten goed op elkaar afgestemd?
Hoe goed passen de leeractiviteiten (vertellen, oefenen op basis van oefenen) bij het lesdoel (correcte dribbel uitvoeren)?
A
Zeer goed.
B
Bwaaaa... minder goed.

Slide 10 - Quiz

This item has no instructions

Hoe goed passen de leeractiviteiten (vertellen, oefenen op basis van oefenen) bij de evaluatie-activiteit (match)?
A
Zeer goed.
B
Bwaaaa... minder goed.

Slide 11 - Quiz

This item has no instructions

Hoe goed past de evaluatie-activiteit (match) bij het lesdoel (een correcte dribbel uitvoeren)?
A
Zeer goed.
B
Bwaaaa... minder goed.

Slide 12 - Quiz

This item has no instructions

Misschien was mevr. Verboven wat té enthousiast?

Als het doel van de les is: correct dribbelen, dan moeten de leeractiviteiten daarop afgestemd zijn. De lln moet duidelijk weten wàt ze moeten oefenen, nl. dribbelen.
Een match als evaluatie van dit lesdoel, is dan ook wat voorbarig. Mevr. Verboven had beter eerst de specifieke dribbel geëvalueerd. Die match, die volgt dan later.

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Slide 16 - Mind map

This item has no instructions

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Slide 21 - Slide

This item has no instructions

Slide 22 - Slide

This item has no instructions

Slide 23 - Slide

This item has no instructions

Slide 24 - Slide

This item has no instructions

Slide 25 - Slide

This item has no instructions

Slide 26 - Slide

This item has no instructions

Slide 27 - Slide

This item has no instructions

Slide 28 - Slide

This item has no instructions

Slide 29 - Slide

This item has no instructions

Slide 30 - Slide

This item has no instructions

In welke van de volgende lessen evalueert meneer Reynaert tijdens het leerproces?
A
Meneer Reynaert beoordeelt het werk van de leerlingen aan het einde van de les met een cijfer, zonder tijdens de les aanwijzingen te geven.
B
Na de instructie, geeft meneer Reynaert directe feedback tijdens de les. Hij loopt rond, stelt tussentijdse vragen en past de les aan op basis van de antwoorden.
C
Meneer Reynaert begint met uitleg. Hij geeft een checklist met stappen en controleert aan het einde de naleving van de instructie, zonder verdere bijsturing tijdens de les.

Slide 31 - Quiz

This item has no instructions

Mevrouw Bincha start met een quiz om de kennis van lln over sociale rechtvaardigheid te peilen. Ze bespreekt de antwoorden en legt nadruk op onduidelijkheden.
Daarna bespreken duo's voorbeelden. Als lesafsluiter vullen de lln een zelfbeoordelingsformulier aan.
A
Mevrouw Bincha evalueert tussendoor
B
Mevrouw Bincha heeft de vinger niet aan de pols.

Slide 32 - Quiz

This item has no instructions

Slide 33 - Slide

This item has no instructions

Slide 34 - Slide

This item has no instructions

Slide 35 - Slide

This item has no instructions

Slide 36 - Slide

This item has no instructions

Meneer Degraeve gaf enkele weken les over de Romeinen. Na afsluiting van het thema volgt er een toets. Bij het opstellen van de toets nam hij zijn lijst met lesdoelen er terug bij. Hij let erop dat hij voor elk doel minstens één vraag stelt. Vragen over doelen waar meer tijd aan besteed werd, krijgen een groter puntenaandeel toegekend.
Met welke kwaliteitseis voor evaluaties houdt Mr. Degraeve op deze manier rekening?
A
Validiteit
B
Betrouwbaarheid
C
Transparantie

Slide 37 - Quiz

Een valide toets opstellen = meten wat je beoogt te meten, in dit geval: of de doelstellingen behaald zijn. Door alle doelstellingen in de toets op te nemen én er verhoudingsgewijs punten aan toe te kennen werk je aan een doelstellingenvalide toets 
Voor de verbetering van de toets over de Romeinen gebruikt Meneer Degraeve een correctiesleutel waarin hij heeft opgenomen wat er zeker in de antwoorden van de lln moet staan en op welke manier hij punten aftrekt voor foute antwoorden.
Meneer Degraeve komt hiermee tegemoet aan de kwaliteitseis ...
A
Validiteit
B
Betrouwbaarheid
C
Transparantie

Slide 38 - Quiz

Door te werken met een correctiesleutel creëert juf Nadia meer consistentie in het verbeteren van de verschillende toetsen. Alle toetsen worden zoveel mogelijk op dezelfde manier beoordeeld.
Welke kwaliteitseis komt in het gedrang in volgend voorbeeld: ter voorbereiding van de toets over de Romeinen geeft meneer Degraeve een aantal voorbeeldvragen. Dit zijn meerkeuzevragen. De toets zelf bestaat echter enkel uit open vragen.
A
Validiteit
B
Betrouwbaarheid
C
Transparantie

Slide 39 - Quiz


Transparantie: de vraagvorm (open begrensde vraag) is anders dan de voorbeeldvragen (meerkeuzevragen).

Slide 40 - Slide

This item has no instructions

Jouw evaluatie voor opdracht 3...
A
evalueert 'voor' het leerproces
B
evalueert 'tijdens' het leerproces
C
evalueert 'na' het leerproces

Slide 41 - Quiz

This item has no instructions

Slide 42 - Slide

This item has no instructions

Slide 43 - Slide

This item has no instructions

Slide 44 - Slide

This item has no instructions

Slide 45 - Slide

This item has no instructions

Slide 46 - Slide

This item has no instructions

Slide 47 - Slide

This item has no instructions

Slide 48 - Slide

This item has no instructions

Slide 49 - Slide

This item has no instructions