Persoonlijk voornaamwoord + naamvallen JAM tweedejaars

Das Personalpronomen
1 / 12
next
Slide 1: Slide
DuitsMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 3

This lesson contains 12 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Das Personalpronomen

Slide 1 - Slide

Sleep het juiste Duitse persoonlijk voornaamwoord naar het 
Nederlandse persoonlijk voornaamwoord in de 1e naamval
timer
2:00
ik
jij
hij
zij e.v.
wij
jullie
het
u
zij
ich
ihr
er
es
wir
du
sie e.v
Sie
sie

Slide 2 - Drag question

Sleep het juiste Duitse persoonlijk voornaamwoord naar het
Nederlandse persoonlijk voornaamwoord in de 4e naamval
timer
2:00
u
haar
hem
het
jou
ons
jullie
hen
mij
Sie
uns
ihn
euch
dich
sie
es
sie
mich

Slide 3 - Drag question

1e naamval
ich
du
er
sie
es
wir
ihr
sie
Sie

4e naamvaal
mich = mij
dich - jij
ihn = hem
sie = haar
es = het
uns = ons
euch = jullie
sie = hen
Sie = u

Slide 4 - Slide


..... (ik) liebe Deutsch!
A
Ich
B
Mir
C
Mich

Slide 5 - Quiz

Seid ..... (jullie) eingeladen?
A
ihr
B
euch
C
ihnen

Slide 6 - Quiz

Meine Mutter tanzt gern.
..... (zij) tanzt jeden Tag!
A
Sie
B
Ihr
C
Ihnen

Slide 7 - Quiz


…….. (het) ist kalt heute.
A
Es
B
Er
C
Ihn

Slide 8 - Quiz


Das ist mein Vater. ...... (hij) arbeitet als Lehrer.
A
Er
B
Ihm
C
Ihn

Slide 9 - Quiz


Das Haus ist schön. Kaufen (u) ....... (het)......, Herr Graf.
A
Ihnen, es
B
Sie, ihm
C
Sie, es

Slide 10 - Quiz

Wat zijn alle persoonlijke voornaamwoorden van de vierde naamval nog eens?

Slide 11 - Mind map

Ende

Slide 12 - Slide