PV en VD

Persoonsvorm of voltooid deelwoord?


Spelling
1 / 24
next
Slide 1: Slide
NederlandsMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 4

This lesson contains 24 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

Persoonsvorm of voltooid deelwoord?


Spelling

Slide 1 - Slide

Leerdoelen:
Je leert:
De persoonsvorm en het voltooid deelwoord in enkelvoudige zinnen spellen.

Slide 2 - Slide

Lees: bldz. 206 + 238

Slide 3 - Slide

Wat is de persoonsvorm (pv)?
  • is een werkwoord dat van tijd kan veranderen
  • staat in de tegenwoordige tijd (tt) of in de verleden tijd (vt)
Bijv. 
Juan loopt naar school. 
loopt = pv , loopt = tt
Juan liep naar school.
liep= pv, liep = vt

Slide 4 - Slide

Hoe schrijf je de persoonsvorm?

Slide 5 - Slide

Hoe schrijf je de persoonsvorm?

Slide 6 - Slide

Hoe schrijf je de pv van sterke ww?
  • sterke ww kunnen van klank veranderen
  • schrijf ze zo kort mogelijk
  • bijv. ik liep- wij zwommen- Maria was 

Slide 7 - Slide

Het voltooid deelwoord (vd)
Naast de persoonsvorm kunnen er andere ww in de zin staan, bijvoorbeeld een voltooid deelwoord.
Ik heb gekookt.
heb=pv, gekookt= vd
De vaas is gestolen.
is= pv, gestolen= vd

Slide 8 - Slide

Hoe schrijf je het voltooid deelwoord?
  • maak het woord langer om te horen of je -d of -t moet schrijven aan het eind
  • bijv. werk- werkte- gewerk
  • bijv. brand- brandde- gebran
  • 't ex-fokschaap 
  • schrijf het woord zo kort mogelijk
  • let op de uitspraak

Slide 9 - Slide

Pv's en vd's in samengestelde zinnen
Samengestelde zinnen: 
  • meerdere pv's

Slide 10 - Slide

Gisteren heb ik ver gelopen.
heb=
A
persoonsvorm tegenwoordige tijd (pvtt)
B
persoonsvorm verleden tijd (pvvt)

Slide 11 - Quiz

Mike is op vakantie geweest naar Sint Maarten.
geweest=

A
persoonsvorm
B
voltooid deelwoord

Slide 12 - Quiz

Aaliyah heeft een koekje ...............


A
gepakd
B
gepakt

Slide 13 - Quiz

De baby heeft de hele tijd ............


A
gehuild
B
gehuilt

Slide 14 - Quiz

Nu oefenen: opdr.1 bldz. 207

Slide 15 - Slide

Antw. opdr.1 

Slide 16 - Slide

Antw. opdr.1 

Slide 17 - Slide

Nu oefenen: opdr.2 bldz. 207

Slide 18 - Slide

Antw. opdr.2 

Slide 19 - Slide

Nu oefenen: opdr.3 bldz. 207

Slide 20 - Slide

Antw. opdr.3 

Slide 21 - Slide

Antw. opdr.3 

Slide 22 - Slide

Slide 23 - Slide

Weet je nu wanneer je de persoonsvorm tegenwoordige tijd en wanneer je het voltooid deelwoord gebruikt?
Ja.
Nog niet altijd.
Nee.

Slide 24 - Poll