5h-Woordenboekgebruik-oefenen-week13

Lernziele heute:
- ich kenne Tipps für das Wörter finden im Wörterbuch
- ich kann Wörter im Wörterbuch finden
=> selbständig in LessonUp




Bitte Wörterbuch D-NL auf den Tisch.
1 / 21
next
Slide 1: Slide
DuitsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 5

This lesson contains 21 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 15 min

Items in this lesson

Lernziele heute:
- ich kenne Tipps für das Wörter finden im Wörterbuch
- ich kann Wörter im Wörterbuch finden
=> selbständig in LessonUp




Bitte Wörterbuch D-NL auf den Tisch.

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Zie link magister deze les: 
lessonUp.app/invite/group/gneux                  Klascode: gneux


Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Woordenboekgebruik

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

WORTVERSTÄNDNIS
BETEKENIS HERLEIDEN UIT :
  • bekende taal : steigende = stijgende (NL)
                                      Garten = tuin (EN -garden)
  • deel van het woord is bekend : Jahrespressekonferenz -
       Jahr - Pressekonferenz = jaarlijkse persconferentie
       erleichtern - leicht = makkelijk ------> makkelijker maken
  • let op voorzetsels die de betekenis omdraaien (un-, ab-, gegen-, mis- ,...)
  • uit de context opmaken
                                      

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Samengestelde woorden
In het Duits komen samengestelde woorden veel vaker voor dan in het Nederlands.
Voor de vertaling zal je deze Duitse woorden in het Nederlands moeten omschrijven.
entwerten : ent = ont-     werten =waarden ------> "ontwaarden" bij bv een treinticket -------> afstempelen

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Woordenboek gebruik
  • zelfst. naamwoord + vervoegde werkwoord-vormen => basisvorm zoeken
  • veel woorden hebben meerdere betekenissen; kijk alle betekenissen door om te bepalen welke het beste bij de zin past
  • uitdrukkingen en spreekwoorden zijn te vinden bij het zelfst.naamwoord of wwerkwoord dat centraal staat
  • lange woorden = samenstellingen (zoek de losse delen op)
  • soms is het handig om ook het NL woordenboek bij de hand te hebben (bijv. inkompatibel  = 'incompatibel '): niet kunnen samengaan, niet verenigbaar

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Stappenplan woordenboekgebruik
  1. Context
  2. Andere taal?
  3. Deel woord. 

& basisvormen opzoeken!
Bijv. die Schlösser => das Schloss
Bijv. Er hat immer viel gequatscht. => quatschen

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Was bedeutet das Wort Ärmel in:
Die Ärmel sind lang?

Slide 8 - Open question

This item has no instructions

bügeln: Ich habe gestern gewaschen und muss die Wäsche jetzt noch bügeln.

Slide 9 - Open question

Gestern; dus niet ophangen/drogen. 
Umtauschen: Die Hose habe ich gestern gekauft, aber sie ist doch zu klein. Ich möchte sie umtauschen

Slide 10 - Open question

This item has no instructions

naschen: Die Kinder naschen gerne Süßigkeiten.

Slide 11 - Open question

This item has no instructions

gesiezt und geduzt: Werden Großeltern in den Niederlanden gesiezt oder geduzt?

Slide 12 - Open question

This item has no instructions

Mangel: Der Mangel an Medikamenten gegen Malaria verursachte große Probleme.

Slide 13 - Open question

This item has no instructions

Pak altijd een woordenboek als...
  • het woord in de vraag staat (ook bij citaten!) 
  • het een Signaalwoord of belangrijk woord in de antwoordopties is
  • het woord in het bewijs staat 

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Opzoek tips 
Zoek op juiste woordsoort op 
> werkwoord bv Julia klang ganz normal am Telefon
(ww klingen) 
> zelfstanding naamwoord (geschreven met Hoofdletter) 
> bijvoegelijk naamwoord (zegt iets over zelfst. naamwoord) 
> check of de vertaling goed in de context past
> zoek ß op bij ss 

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Zoek op in het woordenboek:
gefroren => hoe kan je het vinden?

Slide 16 - Open question

This item has no instructions

Zoek op in het woordenboek:
Straßenverkehrsordnung => hoe kan je het vinden?

Slide 17 - Open question

This item has no instructions

Zoek op in het woordenboek:
Anfängerfehler => hoe kan je het vinden?

Slide 18 - Open question

This item has no instructions

- ich kann Wörter im Wörterbuch finden
😒🙁😐🙂😃

Slide 19 - Poll

This item has no instructions

Und jetzt lesen:
Text E 10, 11 + 12 lesen und Fragen beantworten
= Examenbundel Seite 127-133
=> Hausaufgabe bis Freitag

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Slide 21 - Slide

This item has no instructions