This lesson contains 16 slides, with interactive quizzes and text slides.
Lesson duration is: 70 min
Items in this lesson
timer
3:00
¡Hola!
Slide 1 - Slide
What day is today?
¿Qué día es hoy?
Slide 2 - Slide
Objetivos de hoy
Recapitular:
- Los objetivos de la unidad
- El perfil del alumno
- Los conceptos
- El proyecto para la evaluación sumativa
- Revisión de contenido
Slide 3 - Slide
ASSESMENT
- Choose an article about scientific innovation, computer science, any new technology, could also be gaming. When did they start to develop? How did this technologies change our lives? Develop it. Use images and a script. Presentations take place in the class hours.
- Written exam reading part with exercices with the new tenses of the verbs we worked and the prepositions we worked in this unit.
WEEK OF NOVEMBER 25TH-29TH 90 minutes
Slide 4 - Slide
ONZE KLAS VANDAAG
Preposiciones
Objeto Directo
Objeto Indirecto
El pretérito Perfecto
Slide 5 - Slide
Proposiciones de lugar
¿Dónde está(n)...?
Está(n)...
Slide 6 - Slide
De O.D. = voornaamwoord als lijdend voorwerp
Slide 7 - Slide
De (O.I.) [MEEWERKEND VOORWERP] kunnen vervangen worden door de volgende voornaamwoorden als meewerkend voorwerp:
me (mij)
te (jou)
le, SE (hem/haar/u)
nos (ons)
os (jullie)
les (hen/u)
Slide 8 - Slide
De plaatsing van de voornaamwerpen staat altijd vóór het werkwoord; de volgorde is omgekeerd. Subject+OI+OD+Verb
Slide 9 - Slide
Welk voorbeeld is een meewerkend voornaamwoord in het Spaans?
A
te
B
tu
C
yo
D
me
Slide 10 - Quiz
Hoe wordt een meewerkend voornaamwoord in het Spaans gebruikt?
A
vóór het werkwoord
B
in het midden
C
na het werkwoord
Slide 11 - Quiz
Wat is een voorbeeld van een lijdend voornaamwoord in het Spaans?
A
la
B
lo
C
un
D
el
Slide 12 - Quiz
Hulp werkwoord HABER
1a Singular
yo
he
2a Singular
tú
has
3a Singular
él/ella
ha
1a Plural
nosotros/as
hemos
2a Plural
vosotros/as
habéis
3a Plural
ellos/ellas
han
Slide 13 - Slide
The verbs in Spanish have three impersonal forms. They are used to form mostly other past tenses and the present continuous.
INFINITIVO
CANTAR
LEER
SER
HACER
SALIR
DORMIR
GERUNDIO
CANTANDO
LEYENDO
SIENDO
HACIENDO
SALIENDO
DURMIENDO
PARTICIPIO
CANTADO
LEÍDO
SIDO
HECHO
SALIDO
DORMIDO
little something
Find three verbs of your interest in each conjugation, (3 in ar, 3 in er, 3 in ir) and find their gerundio and participio forms.
You can use a dictionary or Reverso conjugate in Spanish.