feit, mening en argument

Welkom!
Leg alvast je lesboek + schrift op tafel.

laptop: naar LessonUp


1 / 12
suivant
Slide 1: Diapositive
NederlandsMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 1

Cette leçon contient 12 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.

time-iconLa durée de la leçon est: 45 min

Éléments de cette leçon

Welkom!
Leg alvast je lesboek + schrift op tafel.

laptop: naar LessonUp


Slide 1 - Diapositive

Feit, mening en argument
Feit:                 
Mening:         
                           
Argument:    


Slide 2 - Diapositive

Feit, mening en argument
Feit:                 Een feit is waar of niet waar. Je kunt dit controleren.
Mening:         

Argument:    

Slide 3 - Diapositive

Feit, mening en argument
Feit:                 Een feit is waar of niet waar. Je kunt dit controleren.
Mening:         Bij een mening kun je het ermee eens of oneens
                           zijn. De een vindt van niet, de ander van wel.
Argument:    


Slide 4 - Diapositive

Feit, mening en argument
Feit               Een feit is waar of niet waar. Je kunt dit controleren.
Mening        Bij een mening kun je het ermee eens of oneens
                           zijn. De een vindt van niet, de ander van wel.
Argument:    Een argument gebruik je om iemand te overtuigen.

Slide 5 - Diapositive

Feit, mening en argument
Feit:                 Een feit is waar of niet waar. Je kunt dit controleren.
Mening:         Bij een mening kun je het ermee eens of oneens
                           zijn. De een vindt van niet, de ander van wel.
Argument   Een argument gebruik je om iemand te overtuigen.

Een mening is dus altijd wat iemand vindt. 
Een argument is waarom iemand iets vindt.

Slide 6 - Diapositive

Je moet je telefoon bij je kunnen houden in de klas
A
feit
B
Mening
C
Argument

Slide 7 - Quiz

"Je moet je telefoon bij je kunnen houden in de klas."

Feit / Mening / Argument
Je telefoon is van jou, daar mag niemand anders zomaar aan zitten.

Slide 8 - Diapositive

Als je vlak voordat je gaat slapen nog veel op je telefoon zit, dan slaap je slechter.
A
Feit
B
Mening
C
Argument

Slide 9 - Quiz


Volgens mij is volleybal toch echt wel de leukste sport die er is, want het is een echte teamsport.
A
Feit
B
Mening
C
Argument

Slide 10 - Quiz

Aan de slag
Cursus 1 paragraaf 6
Kader: opdracht 1, 2 en 3.
Basis: opdracht 1, 2 en 4.

Slide 11 - Diapositive

"Je moet je telefoon bij je kunnen houden in de klas."

Feit / Mening / Argument
Je telefoon is van jou, daar mag niemand anders zomaar aan zitten.
Een telefoon leidt af.
Als iemand belt voor iets belangrijks, dan kun je niet snel opnemen.

Slide 12 - Diapositive