Hoofdstuk 9 - 3H

Hoofdstuk 9 - Goede tijden, slechte tijden

Economie
Boek open op blz. 278
1 / 31
volgende
Slide 1: Tekstslide
EconomieMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 3

In deze les zitten 31 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

Hoofdstuk 9 - Goede tijden, slechte tijden

Economie
Boek open op blz. 278

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

9.1 Een inkomen verdienen

Boek open op blz. 278

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Tekstslide

Zelfstandig (in stilte) blz. 280 lezen

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Tekstslide

Aan de slag!
- Maken opgave 1, 2, 4, 5, 7 t/m 9
    - Met degene die naast je zit aan de slag, overleggen mag
    - Vragen? > Lees samen de vraag nog een keer door > Aan mij vragen
    - Maak de opdrachten in je schrift
Klaar?
- Nakijken van de opgaven 
- Oefenopgaves maken


Slide 9 - Tekstslide

9.1 Een inkomen verdienen
Deel 2
Boek open op blz. 282

Slide 10 - Tekstslide

Zelfstandig (in stilte) lezen bladzijde 281 en 282

Slide 11 - Tekstslide

Zorgen meer een betere productiefactoren voor economische groei of economische krimp?

Slide 12 - Tekstslide

Waarom is het bbp geen goede maatstaf om welvaart te meten?

Slide 13 - Tekstslide

Aan de slag!
- Maken opgave 1, 2, 4, 5, 7 t/m 9
    - Met degene die naast je zit aan de slag, overleggen mag
    - Vragen? > Lees samen de vraag nog een keer door > Aan mij vragen
    - Maak de opdrachten in je schrift
Klaar?
- Nakijken van de opgaven 
- Oefenopgaves maken


Slide 14 - Tekstslide

9.2 Hoe verdelen we de taart?





Boek open op blz. 284

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Tekstslide

Economische groei is er als het reële bbp ...
A
stijgt
B
daalt

Slide 17 - Quizvraag

Economische groei leidt tot ...
een hoger inkomensniveau >
een hoger consumptieniveau >
meer welvaart 

Slide 18 - Tekstslide

Inkomensverdeling 
  • Nederland vergeleken met Brazilië
  • De bevoling is verdeeld in 5 groepen van 20%

Slide 19 - Tekstslide

Slide 20 - Video

Lorenzcurve

Slide 21 - Tekstslide

Uitleg (1)
  • Als alle inwoners precies evenveel inkomen hebben dan krijg je de blauwe stippellijn.
  • Stel je wil weten hoeveel % de armste 40 % van het land gezamenlijk verdienen.

  • In het echt komt zo’n totaal eerlijke verdeling niet voor. De curve wordt dan krom.
  • Hoe verder van de middenlijn verwijdert hoe groter de inkomensverschillen.


Slide 22 - Tekstslide

Uitleg (2)
Voorbeeld: 
Hoeveel procent van al het inkomen wordt verdiend door de 80% ‘armste’ van het land?
Zie de grafiek…
  • Daarin zie je dat de 80% armste 40% van al het inkomen krijgen.
  • Je kan dan dus ook zeggen. De 20% rijksten krijgen de overige 60% (100-40) van al het inkomen!

Slide 23 - Tekstslide

Primaire inkomens
  • loon --> arbeid
  • pacht/huur --> natuur
  • rente --> kapitaal
  • winst --> ondernemerschap

> Inkomen waar je een tegenprestatie voor moet leveren (waar je wat voor moet doen)

Slide 24 - Tekstslide

Secundair inkomen =
primair inkomen 
- belastingen
+ uitkeringen

Slide 25 - Tekstslide

Slide 26 - Tekstslide

Nivellering:
Verschillen in inkomen tussen personen worden kleiner
Denivellering:
Verschillen in inkomen tussen personen worden groter

Slide 27 - Tekstslide

Als de verschillen in inkomen tussen personen groter worden noemen we dit....

Slide 28 - Open vraag

Bij een scheve inkomensverdeling zijn er ... verschillen in inkomen tussen personen

Slide 29 - Open vraag

Secundair inkomen =
A
Primair inkomen + belasting - uitkering
B
Primair inkomen - belasting - uitkering
C
Primair inkomen + uitkering - belasting
D
Primair inkomen + belasting + uitkering

Slide 30 - Quizvraag

Aan de slag!
- Maken opgave 1 t/m 3 en 6 t/m 8
    - Met degene die naast je zit aan de slag, overleggen mag
    - Vragen? > Lees samen de vraag nog een keer door > Aan mij vragen
    - Maak de opdrachten in je schrift
Klaar?
- Nakijken van de opgaven 
- Oefenopgaves maken


Slide 31 - Tekstslide