Stijlfiguren

Stijlfiguren
Welkom V4
Leg je oefenboek, theorieboek, pen en papier op tafel.
1 / 14
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 14 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 70 min

Onderdelen in deze les

Stijlfiguren
Welkom V4
Leg je oefenboek, theorieboek, pen en papier op tafel.

Slide 1 - Tekstslide

Vandaag:

Herhaling: beeldspraak

Stijlfiguren in gedichten
Je kunt stijlfiguren in gedichten benoemen en interpreteren.  

Slide 2 - Tekstslide

Schrijf de betekenis achter de volgende vormen van beeldspraak. Test jezelf, werk in stilte.

1. vergelijking met verbindingswoord
2. zuivere metafoor
3. personificatie
4. synesthesie
5. pars pro toto
timer
2:00

Slide 3 - Tekstslide

Poëzie/gedichten:

- weinig woorden, veel betekenis
interpretatiemogelijkheid
- betekenis door vorm
stijlfiguren, beeldspraak, witregels
- voordragen
rijm en ritme

Slide 4 - Tekstslide

Stijlfiguren (blz. 158-159):

Je presenteert in 30 seconde jouw stijlfiguur. 

1. Leg je stijlfiguur uit. 
2. Geef een voorbeeld van het stijlfiguur (dat niet in je boek staat). 
timer
4:00
timer
0:30

Slide 5 - Tekstslide

Toen hij dat mooie doelpunt maakte, zei hij:' Dat kon er wel me door, hè?'
A
eufemisme
B
understatement
C
hyperbool
D
litotes

Slide 6 - Quizvraag

Ik sta echt al tien jaar op je te wachten.
A
eufemisme
B
understatement
C
hyperbool
D
litotes

Slide 7 - Quizvraag

Mijn cijfer voor Nederlands viel niet tegen.
A
eufemisme
B
understatement
C
hyperbool
D
litotes

Slide 8 - Quizvraag

Hij werd kwaad, woedend, nee... witheet toen hij zag dat hij een bekeuring had gekregen.
A
understatement
B
climax
C
anticlimax
D
eufemisme

Slide 9 - Quizvraag

De finale van het songfestival zorgde voor spanning, strijd en spektakel.
A
hyperbool
B
tricolon
C
antithese
D
paradox

Slide 10 - Quizvraag

Haar konijn is heengegaan.
A
hyperbool
B
eufemisme
C
antithese
D
paradox

Slide 11 - Quizvraag

Lees de gedichten op blz. 150 in je theorieboek. 

Maak opdracht 1 t/m 3 (blz. 150). 
Overleg alleen fluisterend.

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Tekstslide