In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.
Lesduur is: 80 min
Onderdelen in deze les
Welkom H2a!
Deze spullen heb ik nodig:
Leesboek
iPad
etui
Slide 1 - Tekstslide
Planning
Lezen (10 min)
Twee zinnen om mee te oefenen (10 min)
Uitleg samengestelde zinnen + oefenen (30 min)
Thema B > §3: podcasts luisteren (20 min)
timer
10:00
Slide 2 - Tekstslide
2 vragen om zelf mee te oefenen:
Een enkelvoudige zin kan zowel een werkwoordelijk als naamwoordelijk gezegde in de zin hebben staan. WAAR / NIET WAAR
Ontleed de volgende zin. Benoem: pv = alle werkwoorden = ow = wg / ng =
Volgens sommige mensen is de aarde plat.
timer
4:00
Slide 3 - Tekstslide
Planning
Lezen (10 min)
Twee zinnen om mee te oefenen (10 min)
Uitleg samengestelde zinnen + oefenen (30 min)
Thema B > §3: podcasts luisteren (20 min)
Slide 4 - Tekstslide
Lesdoelen:
Ik weet het verschil tussen enkelvoudige en samengestelde zinnen.
Ik kan hoofd- en bijzinnen herkennen in samengestelde zinnen.
Slide 5 - Tekstslide
Twee soorten zinnen
Enkelvoudige zin (1 pv):
De docent roept de leerlingen.
De leerlingen stoppen met praten.
Samengestelde zin (meer dan 1 pv):
De docent roept de leerlingen en de leerlingen stoppen met praten.
Slide 6 - Tekstslide
Slide 7 - Video
Beantwoord de volgende 2 vragen binnen 1:30 minuut.
Welke twee enkelvoudige zinnen kun je uit onderstaande zin halen?
Zijn het hoofdzinnen of bijzinnen?
Ik vroeg de jongen of hij dat vaker had gedaan.
timer
1:30
Slide 8 - Tekstslide
Ik vertrouw die politicus niet, omdat hij al vaak gelogen heeft.
A
Hoofdzin + hoofdzin
B
hoofdzin + bijzin
Slide 9 - Quizvraag
Jan ziet Elly achter het raam en Wieke ziet Jan op de fiets.
A
hoofdzin + hoofdzin
B
hoofdzin + bijzin
Slide 10 - Quizvraag
De tuin is nat, doordat het regent.
A
hoofdzin + hoofzin
B
hoofdzin + bijzin
Slide 11 - Quizvraag
Het meisje slaat haar zusje en zij stompt haar broertje, omdat ze stom doen.
A
hoofdzin + hoofdzin + hoofdzin
B
hoofdzin + hoofdzin + bijzin
C
hoofdzin + bijzin + bijzin
Slide 12 - Quizvraag
Zijn de zinnen die je achter de volgende zin kunt plaatsen hoofdzinnen of bijzinnen?
Annet is zenuwachtig, want......
timer
0:30
Hoofdzin
Bijzin
ze heeft nog nooit eerder opgetreden.
morgen moet ze naar de tandarts.
Slide 13 - Sleepvraag
Zijn de zinnen die je achter de volgende zin kunt plaatsen hoofdzinnen of bijzinnen?
Mijn pianoleraar vond dat ik erg goed had gespeeld,
timer
0:30
Hoofdzin
Bijzin
hoewel ik veel foutjes maakte.
want ik maakte geen foutjes.
Slide 14 - Sleepvraag
Deze meneer beweert dat een blaffende hond niet bijt.
A
HZ + HZ
B
HZ + BZ
C
BZ + HZ
D
BZ + BZ
Slide 15 - Quizvraag
Of Nederland snel uit de crisis komt, wachten we maar af.
A
HZ + HZ
B
HZ + BZ
C
BZ + HZ
D
BZ + BZ
Slide 16 - Quizvraag
Opdracht
Opdracht
Maak online:
Cursus 5- Grammatica §9: opdracht 1 t/m 5
Hoe: Zie het stoplicht (alleen of in tweetallen)
Wat: Werkboek + schrift
Klaar: Oefen verder via www.cambiumned.nl
timer
15:00
Slide 17 - Tekstslide
Planning
Lezen (10 min)
Twee zinnen om mee te oefenen (10 min)
Uitleg samengestelde zinnen + oefenen (30 min)
Thema B > §3: podcasts luisteren (20 min)
Slide 18 - Tekstslide
Thema B > mysteries
We gaan lezen, luisteren, praten en schrijven over mysteries.
Uiteindelijke doel: jullie gaan in tweetallen een aflevering van een podcast maken. Als klas hebben jullie dan straks een serie!
Slide 19 - Tekstslide
Thema B > mysteries
We luisteren naar een podcast. Beantwoord tijdens het luisteren de volgende vragen:
In dit fragment hoor je vijf verschillende stemmen. Van wie zijn die stemmen?
Welke stemmen zijn het belangrijkst?
Wat kun je opmaken uit het feit dat er verschillende nieuwsberichten over De Warnow te horen zijn?
Er wordt over de podcastmaker verteld dat hij naast wetenschapsjournalist zelf ook ervaren zeezeiler is, maar nooit op de noordelijke Noordzee gevaren heeft. Waarom kan het belangrijk zijn deze informatie te geven?
Er worden twee soorten geluid gebruikt ter ondersteuning van het verhaal. Welke zijn dit?
Vind je deze geluiden bijdragen aan de spanningsopbouw? Licht je antwoord toe
Is deze podcast informerend of amuserend? Licht je antwoord toe.