Fictiebegrippenquiz
1. B – Een verzonnen verhaal
2. B – Welke boeken of verhalen je leuk vindt
3. A – Realistisch
4. C – Niet-realistisch
5. B – Nee
6. A – Spanning
7. A – Refrein
8. B – Een gedicht zonder rijm
9. A – Een lijst met opeenvolgende dingen
10. B – Overdrijving
11. A – De hoofdpersoon heeft een probleem of doel
12. B – Helper