Examentraining_Les 5_2024/2025

Primaire geslachtskenmerken
Secundaire geslachtskenmerken
Vagina
Schaamhaar
Okselhaar
Bredere heupen
Borstgroei
Schaamlippen
1 / 20
next
Slide 1: Drag question
BiologieMiddelbare schoolmavoLeerjaar 4

This lesson contains 20 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Primaire geslachtskenmerken
Secundaire geslachtskenmerken
Vagina
Schaamhaar
Okselhaar
Bredere heupen
Borstgroei
Schaamlippen

Slide 1 - Drag question

Teelballen
Bijballen
Zaadblaasjes
Zaadleiders
Urinebuis
Vervoeren van urine en sperma
Zaadcellen tijdelijk opslaan
Vocht en voedingsstoffen toevoegen aan de zaadcellen
Vorming van zaadcellen
Vervoeren van (alleen) zaadcellen

Slide 2 - Drag question

Slide 3 - Slide

Eierstokken
Eileiders
Baarmoeder
Clitoris
Vagina
Prikkels opvangen die leiden tot orgasme
Eicellen vervoeren
Hier komt sperma als eerst terecht
Rijping van eicellen
Innestelling van het embryo

Slide 4 - Drag question

Slide 5 - Slide

Bij welke letter vindt de ovulatie (eisprong) plaats?
A
Letter P
B
Letter Q
C
Letter R

Slide 6 - Quiz

Hoe heet onderdeel 1?
A
Baarmoeder
B
Navelstreng
C
Placenta (moederkoek)
D
Vruchtwater

Slide 7 - Quiz

Homozygoot
Heterozygoot

Slide 8 - Drag question

Homozygoot dominant
Homozygoot recessief
Heterozygoot
Aa
AA
rr
RR
Qq
hh
HH
Gg

Slide 9 - Drag question

Is dit een lichaamscel van een man of vrouw?
A
Man
B
Vrouw
C
Kun je niet zien

Slide 10 - Quiz

Bij welke combinatie komt het recessieve gen tot uiting in het fenotype?
A
AA
B
Aa
C
aa

Slide 11 - Quiz

Muis 1 heeft zwarte haren. Bij muizen is het gen voor zwarte haren dominant over het gen voor witte haren. Muis 1 is homozygoot voor de haarkleur.

Welke genen heeft muis 1 voor de eigenschap haarkleur?
A
Twee genen voor witte haren
B
Twee genen voor zwarte haren
C
Een gen voor wit en gen voor zwart haar

Slide 12 - Quiz

Bij welke monohybride kruising zijn alle nakomelingen heterozygoot?
A
AA x aa
B
Aa x aa
C
Aa x Aa
D
AA x Aa

Slide 13 - Quiz

Bij welke monohybride kruising kun je een kind krijgen met een ander fenotype dan beide ouders?
A
AA x aa
B
Aa x aa
C
Aa x Aa
D
AA x Aa

Slide 14 - Quiz

Wat is het genotype van 4?
A
AA
B
Aa
C
aa

Slide 15 - Quiz

Welke personen zijn homozygoot recessief?
A
Persoon 1 & 6
B
Persoon 4 & 5
C
Persoon 3 en 5

Slide 16 - Quiz

Wat is de juiste kruising tussen persoon 4 en 5?
A
AA x AA
B
Aa x Aa
C
AA x aa

Slide 17 - Quiz

Wat is de kruising tussen Monique en Kees?
A
AA x Aa
B
Aa x Aa
C
AA x aa

Slide 18 - Quiz

Welke persoon is homozygoot recessief?
A
Laura
B
Jasmijn
C
Monique

Slide 19 - Quiz

Wat is het genotype van 2?
A
AA
B
Aa
C
aa
D
Kun je niet weten met deze beschikbare gegevens

Slide 20 - Quiz