In deze les zitten 25 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
pv: vraagzin, tijd, getal veranderen
wg: alle werkwoorden in de zin
ow: wie (wat) + gezegde?
lv: wat (wie) + gezegde + onderwerp?
mv: aan/voor wie + gezegde + onderwerp + lijdend voorwerp?
bijwoordelijke bepaling: rest van de zin