H3 U4 Les 10 11 12 (grammaire, SO, lire)

Unité 4 les 1 
Objectif: 
Unité 4 : adrénaline 

Semaine 4
  • leçon 1: grammaire
  • leçon 2: SO + portfolio littérature
  • leçon 3: grammaire / portfolio

Objectifs:
  • Ik kan uitleggen wat een bijwoord is en hoe het wordt gebruikt in een Franse zin
  • Ik kan bijwoorden correct gebruiken in een Franse zin
Programme: 
  • exercices 
  • uitleg + video
  • kahoot 
1 / 22
volgende
Slide 1: Tekstslide
FransMiddelbare schoolhavoLeerjaar 3

In deze les zitten 22 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 90 min

Onderdelen in deze les

Unité 4 les 1 
Objectif: 
Unité 4 : adrénaline 

Semaine 4
  • leçon 1: grammaire
  • leçon 2: SO + portfolio littérature
  • leçon 3: grammaire / portfolio

Objectifs:
  • Ik kan uitleggen wat een bijwoord is en hoe het wordt gebruikt in een Franse zin
  • Ik kan bijwoorden correct gebruiken in een Franse zin
Programme: 
  • exercices 
  • uitleg + video
  • kahoot 

Slide 1 - Tekstslide

16B p. 23

unité 4 > 4.5 
grammaire II
> 16B

Fini ? Lis la théorie
p. 24 (of theorie tab) /
lis p. 132-133 over
het bijvoeglijk naamw.
timer
4:00

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

  • Wat is het bijwoord? In deze zin, het zegt iets over.... ?
Je trouve que l'accrobranche est une activité vraiment stupide.


  • Maak de zin af
C'est _____________________ difficile (extrême)

Slide 4 - Tekstslide

Unité 4 > 4.5 grammaire II > 16C, 16D, 16E 
  • gebruik de uitleg p. 24 (of online, op de kant) 


Fini = herhaal 1 t/m 4
16C
16D
A 1 sûrement
 2 extrêmement
 3 facilement
 4 Malheureusement,
 5 seulement
 6 mieux

B 1 Philippe ne vient sûrement pas. C’est trop dangereux.
 2 La vie en montagne est extrêmement difficile.
 3 Louis descend facilement en skis.
 4 Malheureusement, on a battu mon record.
 5 Je voudrais seulement essayer une fois de faire du parapente.
 6 Ça va mieux maintenant ?

16E
A 1 spécialement
 Ik heb dit uitje speciaal voor jou gekozen.
 2 strictement
 Op straat spelen is streng verboden.
 3 Finalement,
 Uiteindelijk zijn we niet op vakantie gegaan.
 4 totalement
 Wij zijn totaal gestrest.
 5 immédiatement
 Er zijn te veel mensen. De glijbaan gaat onmiddellijk sluiten.
B 1 bien
 2 mieux
 3 vite
 4 mal

Slide 5 - Tekstslide

Kahoot (laptop)

Slide 6 - Tekstslide

Doelen gehaald?
  • Ik kan uitleggen wat een bijwoord is en hoe het wordt gebruikt in een Franse zin
  • Ik kan bijwoorden correct gebruiken in een Franse zin
Devoirs (huiswerk) pour mercredi:
  • apprendre 5 p. 38 leren 


Demain: SO + portfolio livre
Mercredi grammaire 

Slide 7 - Tekstslide

Unité 4 les 1 
Objectif: 
Unité 4 : adrénaline 

Semaine 4
  • leçon 1: grammaire
  • leçon 2: SO + portfolio littérature
  • leçon 3: grammaire / portfolio

SO
  • Je hebt alleen een pen nodig (etui in de tas)
  • Het telt 1x mee
  • 25 min (30 extra tijd) 
  • Fini = lever je toets in, pak een boek en werk aan je portfolio (instructieblad is in Teams)
timer
25:00
timer
5:00

Slide 8 - Tekstslide

Unité 4 les 1 
Objectif: 
Unité 4 : adrénaline 

Semaine 4
  • leçon 1: grammaire
  • leçon 2: SO + portfolio littérature
  • leçon 3: grammaire / portfolio
Objectifs:
  • Ik kan uitleggen wat een bijwoord is en hoe het wordt gebruikt in een Franse zin
  • Ik kan bijwoorden correct gebruiken in een Franse zin
Programme: 
  • LessonUp
  • Online methode/exercices de grammaire 
  • portfolio littérature

Slide 9 - Tekstslide

Een bijwoord kan iets zeggen over...
A
een zelfstandig naamwoord
B
een bijvoeglijk naamwoord
C
een werkwoord
D
alle woorden, behalve een zelfstandig naamwoord

Slide 10 - Quizvraag

Bijvoeglijk nw
Bijwoord
Hij rijdt snel
De mooie auto
Le grand vélo.
La belle fille
Je suis vraiment très content.
C'est typiquement français.
Il est vraiment bon ce gâteau.

Slide 11 - Sleepvraag

Koppel de kenmerken aan de juiste woordsoort.
bijvoeglijk 
naamwoord
bijwoord
zegt iets over een zelfstandig naamwoord
kan mannelijk, vrouwelijk, enkelvoud en meervoud zijn
zegt iets over een werkwoord, een bijwoord of een bijvoeglijk naamwoord
heeft veel uitzonderingen
maak je meestal met -ment
onregelmatige vormen: bien, mieux, mal, vite

Slide 12 - Sleepvraag

Wat is de uitgang van een (regelmatige) bijwoord?
A
-ment
B
-mant
C
-ent
D
-ant

Slide 13 - Quizvraag



Kies het bijwoord
A
lent
B
lentement
C
lentment
D
lente

Slide 14 - Quizvraag

Bijwoord van seul
A
Seulment
B
Seulent
C
Seulement
D
Seule

Slide 15 - Quizvraag

Exact wordt als bijwoord?

A
exactement
B
exactment

Slide 16 - Quizvraag

Bijwoord van:
bon
A
bien
B
bonnement
C
bonment
D
bienment

Slide 17 - Quizvraag


Bijwoord:
kies het bijwoord die past bij deze zin
Elle prépare ......... une tarte.
A
rapide
B
rapidment
C
rapidement (of vite)
D
vitement

Slide 18 - Quizvraag

Ik begrijp het verschil tussen de bijvoeglijk naamwoorden en de bijwoorden voor ... %
0100

Slide 19 - Poll

Ik weet wat een bijwoord is en hoe ik het bijwoord maak in het Frans
😒🙁😐🙂😃

Slide 20 - Poll

1. Grammaire
  •  Maak 16C, 16D, 16E af (unité 4 > 4.5 grammaire II > ....) 
  • Maak de menu au choix (kies het niveau, 16H of 16I of 16J) 
  • Test jezelf met Socrative
    Socrative > login > student login, lokaalsnaam is : MADAMEBOCHARD
2. Extra oefening grammaire of portfolio littérature
  • Om de grammaire verder te oefenen:
    - exercice 16F (onlinemethode)
    - exercice en ligne (lien)
    - bekijk de video in je onlinemethode / lees de grammatica overzicht p.24 en maak een schema/samenvatting

  • Werk aan je portfolio Le collier de famille (instructieblad in Teams, vergeet niet je werk op te slaan)

Slide 21 - Tekstslide

Doelen gehaald?
  • Ik kan uitleggen wat een bijwoord is en hoe het wordt gebruikt in een Franse zin
  • Ik kan bijwoorden correct gebruiken in een Franse zin
Devoirs (huiswerk) pour la semaine prochaine
  • apprendre 1 t/m 5 herhalen 
  • spullen mee (boek/opgeladen laptop, oortjes)

volgende week : (parler) écrire + portfolio 
week 14 = écrire + portfolio 
week 15 = portfolio + oefentoetsen 
week 16 = oefentoets & toetsen 
! 15 april = luistertoets (20 min, na de luistertoets heb jij nog tijd om voor de repetitie te leren/oefenen)
16 april = repetitie u4 (apprendre 1 t/m9)


Slide 22 - Tekstslide