Workshop 13 - theorie gewrichten

Gewrichten 
1 / 37
next
Slide 1: Slide
SchoonheidsverzorgingMBOStudiejaar 1

This lesson contains 37 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

Items in this lesson

Gewrichten 

Slide 1 - Slide

Wat is een gewricht?

Slide 2 - Mind map

Een gewricht 
verbindt 2 of meer botten met elkaar
waardoor je kan bewegen

Slide 3 - Slide

We maken onderscheid tussen
Straffe gewrichten 
Beweeglijke gewrichten 

Slide 4 - Slide

Beweeglijke gewrichten
- Meest voorkomende botverbinding
Maken grote bewegingen tussen botten mogelijk 

Slide 5 - Slide

Slide 6 - Slide

Onderdelen van het gewricht
  • botstukken
  • kraakbeen
  • gewrichtsholte met smeer
  • gewrichtskapsel
  • gewrichtsbanden

Slide 7 - Slide

6 soorten beweeglijk gewrichten

Slide 8 - Slide

Soorten gewrichten
Er zijn verschillende 
soorten gewrichten.
  1. Kogelgewricht
  2. Rolgewricht
  3. Scharniergewricht
  4.  Zadelgewricht

Slide 9 - Slide

Slide 10 - Video

Kogelgewricht
Je kan je arm alle kanten op bewegen. Je kogelgewricht kan bijna helemaal rond draaien.


Slide 11 - Slide

Rolgewricht
De ellepijp, die in de ellenboog aan de kant van de pink zit, is met de hand verbonden door middel van een rolgewricht. De ellepijp kan zo om het spaakbeen heen draaien. Daardoor kun je je handen draaien.

Slide 12 - Slide

Scharniergewricht
kan in een richting heen en weer bewegen, zoals een deur


Slide 13 - Slide

Zadelgewricht
Hierdoor kan je de duim in 2 richting bewegen en tegen over je vingers plaatsen zodat je dingen kan pakken. Dit type gewricht laat bewegingen in twee richtingen toe.
 De beweeglijkheid van de duim is van groot belang voor ons, want hierdoor kunnen we dingen heel nauwkeurig vastpakken. 

Slide 14 - Slide

Andere typen botverbindingen

Slide 15 - Slide

Bindweefselverbindingen
- Bestaan uit elastische en collageen vezels
- Stevigheid en stabiliteit
- Kunnen bewegingen tussen botten beperken

Voorbeelden: - verbindingen tussen de schedelbotten
                             - verbindingen tussen de tanden en de kaak 
                             - verbindingen tussen de ellepijp en het spaakbeen
Verbindingen = ligamenten

Slide 16 - Slide

Slide 17 - Slide

Kraakbeenverbindingen
Kunnen een klein beetje bewegen





 
Hyalien kraakbeen 
- Bestaat uit collageenvezels (trekvast en stevig)
- Kan een beetje vervormen. 
- Primaire kraakbeengewrichten 
- Voorbeeld: de ribben.

Vezelig kraakbeen
- Bestaat uit nog veel meer collageenvezels 
- Kan minder vervormen dan hyalien
- Secundaire kraakbeengewrichten
- Voorbeeld: de tussenwervelschijven.

Slide 18 - Slide

Slide 19 - Slide

Slide 20 - Video

Anatomische benamingen voor bewegingsrichtingen

Slide 21 - Slide

Heupgewricht 
Bewegingsmogelijkheden: Flexie, extensie, abductie, adductie, rotatie, circumductie.
Bewegingsrichtingen:
  • Flexie: Buigen van het been naar voren.
  • Extensie: Het been naar achteren bewegen.
  • Abductie: Het been zijwaarts omhoog brengen.
  • Adductie: Het been terug naar het midden van het lichaam bewegen.
Rotatie: Het draaien van het been naar buiten of naar binnen.
Circumductie: Cirkelvormige beweging van het been.

Slide 22 - Slide

Kniegewricht
Bewegingsmogelijkheden: Flexie, extensie.
Bewegingsrichtingen:
  • Flexie: Buigen van de knie (bijvoorbeeld tijdens het zitten).
  • Extensie: Het strekken van de knie (bijvoorbeeld bij staan of lopen).

Slide 23 - Slide

Ellebooggewricht
Bewegingsmogelijkheden: Flexie, extensie, pronatie, supinatie.
Bewegingsrichtingen:
  • Flexie: Buigen van de arm bij de elleboog.
  • Extensie: Het strekken van de arm bij de elleboog.
  • Pronatie: Het draaien van de onderarm met de palm naar beneden.
  • Supinatie: Het draaien van de onderarm met de palm naar boven.

Slide 24 - Slide

Schoudergewricht 
Bewegingsmogelijkheden: Flexie, extensie, abductie, adductie, rotatie, circumductie.
Bewegingsrichtingen:
  • Flexie: Beweging naar voren (bijv. arm naar voren tillen).
  • Extensie: Beweging naar achteren (bijv. arm achter je).
  • Abductie: Arm zijwaarts omhoog.
  • Adductie: Arm naar het lichaam toe.
  • Rotatie: Beweging rondom de as van de schouder.
  • Circumductie: Cirkelvormige beweging van de arm.

Slide 25 - Slide

Beweegrichtingen
Flexie en extensie: Buigen en strekken van een gewricht.

Abductie en adductie: Afstand nemen van het lichaam en terugbrengen.

Rotatie: Draaien van een gewricht.

Cirkels: Bewegingsmogelijkheden die een combinatie van de bovengenoemde richtingen zijn.

Slide 26 - Slide

Hoe noemen ze de ruimte tussen de gewrichtsvlakken?
A
Gewrichtskapsel
B
Gewrichtsholte
C
Slijmbeurs
D
Gewrichtskraakbeen

Slide 27 - Quiz

Wat is de functie van slijmbeurs?
A
Het zorgt ervoor dat een pees gemakkelijker over bot heen kan glijden
B
Het versterkt de verbinding tussen de botuiteinden
C
Het werkt als schokdemper
D
Alle antwoorden zijn juist

Slide 28 - Quiz

Kalkzouten geven ..... aan beenweefsel.
A
stevigheid
B
flexibiliteit

Slide 29 - Quiz

Kogelgewricht
Zadelgewricht
Scharniergewricht
Rol- of draaigewricht
Heup
Handwortelbeentje
Elleboog
Ellepijp

Slide 30 - Drag question

Bij welke verbinding is het meeste beweging mogelijk?
A
1
B
2
C
3

Slide 31 - Quiz

De vingerkootjes hebben een
A
Rolgewricht
B
Scharniergewricht
C
Kogelgewricht

Slide 32 - Quiz

Welke is het rolgewricht?
A
B
C

Slide 33 - Quiz

Enkelgewricht is een:
A
Kogelgewricht
B
Scharniergewricht
C
Rolgewricht

Slide 34 - Quiz

Dit is een
A
Kogelgewricht
B
Zadelgewricht
C
Scharniergewricht
D
Rolgewricht

Slide 35 - Quiz

Voordoen! 
Allemaal staan en we gaan de onderstaande bewegingen uitvoeren:

Schouder: Cirkelbewegingen maken (abductie, adductie, flexie, extensie, rotatie).

Elleboog: Buigen en strekken (flexie en extensie).

Heup: Til het been op en maak flexie, extensie, abductie, adductie en rotatie.

Knie: Buigen en strekken (flexie en extensie).

Enkel: Bewegingen van de voet (flexie, extensie, inversie, eversie).

Slide 36 - Slide

Spelletje spelen

Slide 37 - Slide