Les 41. Spelling p.7 Verkleinwoord

O2B4 Welkom!
Ga direct op je plaats zitten in stilte
Op je eigen plek!
Laptops DICHT op je tafel.

1 / 10
next
Slide 1: Slide
NederlandsMiddelbare schoolmavoLeerjaar 1

This lesson contains 10 slides, with text slides.

Items in this lesson

O2B4 Welkom!
Ga direct op je plaats zitten in stilte
Op je eigen plek!
Laptops DICHT op je tafel.

Slide 1 - Slide

Doel van vandaag
Je leert verkleinwoorden spellen.

Slide 2 - Slide

Toets
S.O. over 2 weken
Spelling, Formuleren en Woordenschat

Slide 3 - Slide

Verkleinwoorden
Wat zijn dat?

Slide 4 - Slide

-je 
Je kunt een zelfstandig naamwoord verkleinen. 

Een verkleinwoord maak je meestal door het achtervoegsel -je achter een zelfstandig naamwoord te plakken: boek – boekje; potlood – potloodje.

Slide 5 - Slide

Let op - soms iets anders
broer → broertje; tuin → tuintje
raam → raampje; scherm → schermpje
buiging → buiginkje; koning → koninkje
wandeling → wandelingetje; tang → tangetje
zon → zonnetje; stem → stemmetje
pizza → pizzaatje; paraplu → parapluutje
saté → sateetje; café → cafeetje
baby → baby’tje; hobby → hobby’tje

Slide 6 - Slide

Video
Bekijk deze op Nieuw Nederlands

Slide 7 - Slide

Aan het werk!
Cursus 7 - Spelling - Paragraaf 6 - Verkleinwoorden

opdrachten  1 2 3 4 5 6 7 8  


timer
1:00

Slide 8 - Slide

Wat hebben we geleerd?

Slide 9 - Slide

Tot morgen!

Slide 10 - Slide