V5: Verlichting sprint 1

Geschiedenis klas 5 
Verlichting; vrijheid, rechtvaardigheid & zingeving
Voorbereiding:


In de les: 
- Binnen = Beginnen: stand-up
- aantekening: moderne tijd/moderniteit/industrialisatie
- Werken aan sprintplanning
- Afsluiting

Huiswerk volgende les: 


Deelvragen: 

- Wat wordt er bedoeld met moderniteit en welke rol spelen de wetenschappelijke revolutie, de verlichting en vijfde energietransitie (industriële revolutie) hierin?



Sprint 1: Verlichting, wetenschap & Filosofie
1.1
1 / 46
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare schoolvwoLeerjaar 5

In deze les zitten 46 slides, met tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Geschiedenis klas 5 
Verlichting; vrijheid, rechtvaardigheid & zingeving
Voorbereiding:


In de les: 
- Binnen = Beginnen: stand-up
- aantekening: moderne tijd/moderniteit/industrialisatie
- Werken aan sprintplanning
- Afsluiting

Huiswerk volgende les: 


Deelvragen: 

- Wat wordt er bedoeld met moderniteit en welke rol spelen de wetenschappelijke revolutie, de verlichting en vijfde energietransitie (industriële revolutie) hierin?



Sprint 1: Verlichting, wetenschap & Filosofie
1.1

Slide 1 - Tekstslide

Binnen = Beginnen - Stand-up
Bekijk jullie scrumbord (als team): 
1. Wat is er af voor het team? 
2. Loopt alles volgens planning? 
3. Zijn er dingen waar je hulp bij nodig hebt? Wie kan je daarbij helpen? 

Slide 2 - Tekstslide

(vroeg)moderne tijd?
Wat maakt een tijdperk modern? 
 - Moderne tijd:  historische periode. vanaf +/- de Renaissance (ca. 1500) of de Verlichting (ca. 1700-1800) tot vandaag, afhankelijk van de context. 

- gekenmerkt door grote veranderingen zoals wetenschap, industrialisatie, democratisering en globalisering.



Moderniteit:  
- Sociale, culturele en intellectuele ontwikkelingen die voortkomen uit de moderne tijd. 

- gedomineerd door rationaliteit, technologie, secularisatie en individualisme. 

- Moderniteit wordt vaak in verband gebracht ideeën rondom vooruitgang en verandering.

Slide 3 - Tekstslide

(vroeg)moderne tijd?
Wat maakt een tijdperk modern? 
Jurgen Osterhammel 
1. Globalisering en wereldwijde netwerken
2. Versnelling van tijd en verandering
3. Politieke transformaties
4. Veranderende relatie tussen mens en natuur
5. Sociale orde en klassenstructuur
6. Secularisatie en kennis
7. Multiperspectiviteit van moderniteit






Slide 4 - Tekstslide

(vroeg)moderne tijd?
Wat maakt een tijdperk modern? 
historische ontwikkeling en KA's
Ontdekkingsreizen
Renaissance
Protestantisme
Handelskapitalisme & wereldeconomie
Slavernij & plantages
Industriele revolutie/ Sociale kwestie
Wetenschappelijke revolutie 
Verlichting
Dem. Revoluties
modern Imperialisme
Politiek-maatschappelijke stromingen/democratisering/
Emancipatiebewegingen
1500
1600
1700
1800
1900

Slide 5 - Tekstslide

- Thomas Newcomen (1664-1729)

  - doelmatige stoommachine (1712)
  - Doel: Mijnbouw
  - Op- en neergaande beweging

Slide 6 - Tekstslide

- James Watt (1736- 1819) & Matthew Boulton (1728- 1809)

  - instrumentmaker
  - verbeteringen
  - omzetting naar draaiende beweging
  - Universele aandrijfkracht

- Energie-eenheid: 
  - horsepower (rosmolen) 
  - Kilowatt = 1,4 paardenkracht
- Onbeperkte aandrijfkracht 



Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Video

3 toevallige omstandigheden


1. uitvindingen in de textielindustrie
2. gebruik van kolen als brandstof
3. experimenten met stoom als krachtbron voor mijnpompen. 

Slide 9 - Tekstslide

locomotieven, stoomschepen en het "zeilschipeffect" 
- Stoomlocomotief (1804) 
- Stoomschip

- Het "zeilschipeffect" (19e eeuw) = na introductie stoomschip werden meer verbeteringen aan  zeilschepen aangebracht dan honderden jaren daarvoor was gebeurd. 

Slide 10 - Tekstslide

Wetmatigheden bij energietransities

1. Geen doelbewust proces: 
Uitvindingen niet gedaan door doelbewuste toepassing van wetenschap, maar oplossen van praktische problemen in de industrie. 

2. Toeval: 
De rol van toevallige ontdekkingen is groot. 

3. Niet op grote schaal en zelfs weerstand: 
Nieuwe techniek wordt niet zomaar op grote schaal ingevoerd en soms zelfs tegengewerkt

Slide 11 - Tekstslide

Werken aan de sprintplanning: 
Zie scrumbord 

Slide 12 - Tekstslide

Geschiedenis klas 5 
Verlichting; vrijheid, rechtvaardigheid & zingeving
Voorbereiding:


In de les: 
- Binnen = Beginnen: Stand-up
- Moderniteit & wetenschappelijke revolutie
- werken aan sprintplanning
- Afsluiting

Huiswerk volgende les: 


Deelvragen: 

- Wat wordt er bedoeld met moderniteit en welke rol spelen de wetenschappelijke revolutie, de verlichting en vijfde energietransitie (industriële revolutie) hierin?



Sprint 1: Verlichting, wetenschap & Filosofie
1.2

Slide 13 - Tekstslide

Binnen = Beginnen - Stand-up
Bekijk jullie scrumbord (als team): 
1. Wat is er af voor het team? 
2. Loopt alles volgens planning? 
3. Zijn er dingen waar je hulp bij nodig hebt? Wie kan je daarbij helpen? 

Slide 14 - Tekstslide

Wetenschappelijk denken: continuiteit of verandering?
 Oudheid                                             Middeleeuwen                                              Renaissance/humanisme





Opdracht: 
- Bekijk de kenmerkende aspecten (4, 9, 14, 17, 18, 19 en 20) in je boek. 
- Benoem één verandering in het wetenschappelijk denken in de periode oudheid - renaissance
- Benoem één continuïteit in het wetenschappelijke denken in deze periode. 

Slide 15 - Tekstslide

Rationalisme
- Is waarneming inderdaad de enige bron van kennis? 
- Zuivere empirie kan misleidend zijn. 
- Betrouwbare kennis kan alleen ontstaan door waarnemingen te combineren met rationeel (verstandelijk) redeneren. 

Slide 16 - Tekstslide

Empirisme
- Zelfstandig ontdekken van de wereld; ontdekkingsreizen (KA)
- bestudering van het heelal
- bestudering van het menselijk lichaam; anatomisch onderzoek
- Experimenteel onderzoek = onderzoek door zelf uit te proberen en waar te nemen. 

Slide 17 - Tekstslide

John Locke
- Tabula rasa; onbeschreven blad (Aristoteles, Thomas van Aquino)

'Laten we ervan uitgaan dat de geest een blanco papier is waar geen letters op staan, zonder enige ideeën dus. Waardoor wordt dat papier dan beschreven? Waar komt die enorme voorraad aan drukke en grenzeloze verbeelding vandaan die mensen erop schilderen in een bijna eindeloze verscheidenheid? Waar komt alle grondstof voor redeneren en kennis vandaan? Hierop antwoord ik in één woord: van de ervaring."

Slide 18 - Tekstslide

Wetenschappelijke Revolutie (KA 26, blz. 70)
Begrippen
Empirisme, rationalisme, telescopen, microscopen en 
uurwerken, ik denk dus ik besta (cogito ergo sum)

Personen: 
Renée Descartes, Francis Bacon, Baruch de Spinoza, Christiaan Huygens, etc...

Gebeurtenissen/ontwikkelingen (jaartallen?)
- Grote opbloei van de natuurwetenschappen en de filosofie (eind 17e eeuw)
- Ontwikkeling van nieuwe instrumenten die deze waarneming konden bevorderen. 
- Nieuwe inzichten vaak in strijd met de bijbel. 

Slide 19 - Tekstslide

René Descartes - Cogito ergo sum

 


"Omdat we weten dat onze zintuigen ons soms bedriegen, was ik bereid om te veronderstellen dat niets werkelijk zo bestond als het door onze zintuigen tot ons doordringt. Dezelfde indrukken die we ervaren als we wakker zijn, kunnen we ook ervaren als we slapen, terwijl er op dat moment niets van waar is. Daarom bedacht ik dat alles wat ooit in mijn gedachten kwam als ik wakker was, niet meer waarheid bevatte dan de illusies van mijn dromen. 

Maar daarna besefte ik meteen dat, terwijl ik al wilde gaan denken dat alles vals was, het absoluut noodzakelijk was dat ik, die dit bedacht, iets zou moeten zijn. Ik begreep dat deze waarheid: ik denk, dus ik besta- zo zeker was dat die op geen enkele manier aan het wankelen zou kunnen worden gebracht. Dus concludeerde ik dat ik dit zonder probleem kon accepteren als het eerste beginsel van de filosofie waarnaar ik op zoek was."

Slide 20 - Tekstslide

Isaac Newton
 

- Eén groot samenhangend systeem met natuurwetten. 
- Beginselen van de schepping ontdekt? 
- Enorme invloed op het denken van mensen over natuur, de wereld en god. 

"Nature and nature's laws lay hid in night,
God sayd: Let Newton be! - And al was light."

Slide 21 - Tekstslide

Werken aan de sprintplanning: 
Zie scrumbord 

Slide 22 - Tekstslide

Geschiedenis klas 5 
Verlichting; vrijheid, rechtvaardigheid & zingeving
Voorbereiding:


In de les: 
- Binnen = Beginnen: stand-up
- Verlichtingsidealen; religie, samenleving en economie. 
- Werken aan sprintplanning
- Afsluiting

Huiswerk volgende les: 


Deelvragen: 

- Welke ideeën ontstonden tijdens de Verlichting in Europa over een meer rechtvaardige samenleving (1650-1789)?

Sprint 1: Verlichting, wetenschap & Filosofie
1.3

Slide 23 - Tekstslide

Binnen = Beginnen - Stand-up
Bekijk jullie scrumbord (als team): 
1. Wat is er af voor het team? 
2. Loopt alles volgens planning? 
3. Zijn er dingen waar je hulp bij nodig hebt? Wie kan je daarbij helpen? 

Slide 24 - Tekstslide

Wetenschappelijk denken: continuiteit of verandering?
 Oudheid                                             Middeleeuwen                                              Renaissance/humanisme





Opdracht: 
- Bekijk de kenmerkende aspecten (4, 9, 14, 17, 18, 19 en 20) in je boek. 
- Benoem één verandering in het wetenschappelijk denken in de periode oudheid - renaissance
- Benoem één continuïteit in het wetenschappelijke denken in deze periode. 

Slide 25 - Tekstslide

Verlichting; Theorie & praktijk 
- Vrijheid en democratie (zoals in westerse landen) 
ondenkbaar zonder de achttiende-eeuwse Verlichting. 

Vrijheid
gelijkheid
Democratie
Rechtvaardigheid
Zingeving
Mensenrechten
Welvaart

Slide 26 - Tekstslide

Verlichting (KA 27, blz. 70)
"Rationeel optimisme en 'verlicht denken' da werd toegepast op alle terreinen van 
de samenleving: godsdienst, politiek, economie en sociale verhoudingen."

Begrippen
Empirisme, rationalisme, volkssoevereiniteit, natuurrechten, 
burgerrechten, ratio, verdraagzaamheid, tolerantie, rechtsstaten, 

Personen: 
Spinoza, Rousseau (gelijkheid van alle mensen), Montesquieu (scheiding der machten), Voltaire, Mary Wolestonecraft (vrouwenrechten), Diderot (encyclopedie), Kant (durf voor jezelf te denken), 

Gebeurtenissen/ontwikkelingen (jaartallen?)
- toepassen van wetenschappelijke benadering (empirisme & rationalisme) op de samenleving, politiek, religie en economie
 

Slide 27 - Tekstslide

Verlichting & Religie: Spinoza & Voltaire

- Godsdienstige overtuigingen en geloof in wonderen niet rationeel uit te leggen. 
- Niet meer vol te houden dat er één religie 'de enige juiste' was. 
- Pleiten voor verdraagzaamheid. 

Slide 28 - Tekstslide

Wetenschappelijke Revolutie, Verlichting en Religie
- Steeds meer vertrouwen in menselijke waarneming en verstandelijk redeneren als enige ware bron van kennis. 
- Descartes: Ik denk dus ik besta. 
- Spinoza: Strikt rationele interpretatie van godsdienst en ethiek. 
- Natuur = logisch
- God kon niet zo raar zijn dat hij zijn eigen natuurwetten in de war zou schoppen. 
- Deisme: God moet worden gezien als het rationele principe achter de natuur. 
- Atheisme: Er bestaat geen god. 

Slide 29 - Tekstslide

Voorbeeld: Jan Vroese - Traktaak van de drie bedriegers
- Mozes, Jezus en Mohammed opgevoerd als bedriegers van de mensheid. 
- Kritiek op de bijbel: 

"Dat boek (is) niet meer (...) dan een samenraapsel van fragmenten, die in verschillende tijden zijn samengebreid, door verschillende personen zijn verzameld en openbaar zijn gemaakt na beoordeling door de Rabbijnen, die naar hun eigen fantasie hebben besloten wat toegestaan en wat verworpen moest worden, naargelang zij vonden dat het in overeenstemming of strijdig met de Wet van Mozes was." 

Slide 30 - Tekstslide

Oplossing: Religieuze tolerantie
- Godsdienstige verdraagzaamheid: 
- Godsdiensten zijn gebaseerd op onbewezen aannames en daar zou je elkaar niet op moeten bevechten. 
- Voltaire: Verhandeling over verdraagzaamheid (1763)

Slide 31 - Tekstslide

Verlichting & samenleving: Rousseau
- Onredelijke principes in de maatschappij: standen, slavernij, armoede. 
- natuurrechten/mensenrechten: alle mensen van nature gelijk en hebben in principe dezelfde rechten. 

Slide 32 - Tekstslide

Verlichting & Onderwijs: Rousseau
- Onderwijs is van groot belang voor verlichte denkers. 
- Wie geleerd had zijn verstand te gebruiken, zou ook het goede doen in het elven en daardoor een goed mens worden (rationeel optimisme). 
- Kinderen moesten de gelegenheid krijgen om zelf en op hun eigen manier de wereld te ontdekken. 
- De natuur was de beste leermeester, beschaving verziekte de mensen. 

Slide 33 - Tekstslide

Verlichting & Economie: Adam Smith
- Tot de achttiende eeuw veel regels en voorschriften voor productie en handel (gildes en mercantilisme)
- Smith: Als mensen vrij werden gelaten in hun economische handelen, zouden ze rationeel genoeg zijn om hun eigen belangen na te streven. 
- Vrije markt van vraag en aanbod zorgt voor voldoende producten van de best mogelijke kwaliteit voor de laagst mogelijke prijs.

Slide 34 - Tekstslide

Werken aan de sprintplanning: 
Zie scrumbord 

Slide 35 - Tekstslide

Geschiedenis klas 5 
Verlichting; vrijheid, rechtvaardigheid & zingeving
Voorbereiding:


In de les: 
- Binnen = Beginnen: stand-up
- Verlichtingsidealen: Politiek
- Werken aan Sprintplanning
- Afsluiting

Huiswerk volgende les: 


Deelvragen: 

- Welke ideeën ontstonden tijdens de Verlichting in Europa over een meer rechtvaardige samenleving (1650-1789)?


Sprint 1: Verlichting, wetenschap & Filosofie
1.4

Slide 36 - Tekstslide

Binnen = Beginnen - Stand-up
Bekijk jullie scrumbord (als team): 
1. Wat is er af voor het team? 
2. Loopt alles volgens planning? 
3. Zijn er dingen waar je hulp bij nodig hebt? Wie kan je daarbij helpen? 

Slide 37 - Tekstslide

Verlichting & Politiek
- Verlicht absolutisme
- Montesquieu en trias politica
- Locke, Rousseau, het sociaal contract en volkssoevereiniteit
- Politieke cultuur
- Democratische revoluties (Frankrijk, VS, de Republiek) 

Slide 38 - Tekstslide

Verlicht absolutisme (KA, blz. 72)
Begrippen: 
rationeel bestuur, absolutisme, tolerantie, droit divin (goddelijk recht), publiek belang. 

Personen
Frederik de Grote van Pruissen, Catharina de Grote (Rusland), Joseph II (Oostenrijk)

Gebeurtenissen/ ontwikkelingen: 
- De welvaart bevorderen in het land door middel 
van een rationeel (verlicht) absoluut bestuur van de vorst. 
- koning moest verstandig regeren in het belang van het volk. 

Slide 39 - Tekstslide

Charles-Louis de Montesquieu - scheiding der machten
- Controleren en in evenwicht houden van de verschillende staatsmachten.
- De macht niet in handen van één persoon of partij. 

Slide 40 - Tekstslide

Locke & Rousseau- het sociaal contract
- In de natuurtoestand leefde de mens als vrije en gelijke individuen. 
- sociaal contract: "overeenkomst" van mensen om een staat te stichten, 
waarbij...
     - ze een deel van hun vrijheid inleverden ten behoeve van een regering of 
        koning. 
     - de hoogste macht uiteindelijk bij het volk lag (volkssoevereiniteit)
     - het volk ook één algemene belang had (Rousseau); dat wat het beste 
        was voor iedereen. 

Slide 41 - Tekstslide

Politieke cultuur
- Boeken, tijdschrijften
- Cafés en salons
- ontstaan van politieke pers en publieke opinie. 
- De verspreiding van deze ideeën werd soms tegengegaan door de vorst met censuur. 

Slide 42 - Tekstslide

Democratische revoluties (KA, blz. 72)
begrippen: 
Vrijheid, gelijkheid, democratie, terreur, reactie, 

Personen: 
George Washington, Lodewijk XVI, Stadhouder Willem V, 
Robbespiere, Van der Capellen, Napoleon Bonaparte,

Gebeurtenissen en ontwikkelingen: 
- Franse revolutie (1789-1799), Amerikaanse Revolutie (1775-1783), 
Bataafse Revolutie (1781/1795)

Slide 43 - Tekstslide

Werken aan de sprintplanning: 
Zie scrumbord 

Slide 44 - Tekstslide

Oefenen Examenvraag
Opdracht 2 (2 punten):

In 1668 schreef de Nederlandse filosoof Adriaan Koerbagh in zijn boek
dat hij zich verbaasde dat in de Bijbel "valt te lezen dat God zelf van
boven naar beneden kwam, om een gezellig praatje te maken met een of
ander godzalig mens en om dan meteen bij hem te blijven logeren".

Leg uit welk verlicht uitgangspunt Koerbagh toepaste op verhalen in de
Bijbel.


Slide 45 - Tekstslide

Antwoordmodel: 
Opdracht 2 (2 punten)

Uit het antwoord moet blijken dat Koerbagh het rationalisme (van Descartes) toepaste, doordat hij aangaf dat hij Bijbelse verhalen niet zomaar voor waar aannam / 

omdat hij door gebruik te maken van redelijkheid/rede/het verstand Bijbelse verhalen (over God die op bezoek kwam) in twijfel trok.

Slide 46 - Tekstslide