Wat is LessonUp
Zoeken
Kanalen
Inloggen
Registreren
‹
Terug naar zoeken
wi 4V H5 4BC
V Rekenen met machten
5.1 Machten met negatieve en gebroken exponenten
5.2 Machtsfuncties en wortelfuncties
5.3 Exponentiële functies
5.4 Logaritmen
wi 4V H5
Machten, exponenten en logaritmen
1 / 25
volgende
Slide 1:
Tekstslide
Wiskunde
Middelbare school
vwo
Leerjaar 4
In deze les zitten
25 slides
, met
interactieve quizzen
en
tekstslides
.
Lesduur is:
60 min
Start les
Bewaar
Deel
Printen
Onderdelen in deze les
V Rekenen met machten
5.1 Machten met negatieve en gebroken exponenten
5.2 Machtsfuncties en wortelfuncties
5.3 Exponentiële functies
5.4 Logaritmen
wi 4V H5
Machten, exponenten en logaritmen
Slide 1 - Tekstslide
Slide 2 - Tekstslide
Slide 3 - Tekstslide
Slide 4 - Tekstslide
V Rekenen met machten
5.1 Machten met negatieve en gebroken exponenten
5.2 Machtsfuncties en wortelfuncties
5.3 Exponentiële functies
5.4 Logaritmen
wi 4V H5
Machten, exponenten en logaritmen
5.3D Herleiden tot de vorm
en dan
g
A
=
g
B
g
A
=
g
B
⇒
A
=
B
2
x
+
2
−
(
2
1
)
−
x
+
1
=
2
8
Slide 5 - Tekstslide
5.3D Herleiden tot de vorm
g
A
=
g
B
Slide 6 - Tekstslide
V Rekenen met machten
5.1 Machten met negatieve en gebroken exponenten
5.2 Machtsfuncties en wortelfuncties
5.3 Exponentiële functies
5.4 Logaritmen
wi 4V H5
Machten, exponenten en logaritmen
5.4A De logaritme
g
lo
g
(
x
)
Waarbij
g
lo
g
(
g
a
)
=
a
2
lo
g
(
2
3
)
=
3
2
lo
g
(
8
)
Slide 7 - Tekstslide
5.4A De logaritme
2
lo
g
(
6
4
√
2
)
=
5
lo
g
(
1
2
5
1
)
=
2
lo
g
(
3
2
1
⋅
3
√
2
)
=
3
lo
g
(
8
1
5
√
2
7
)
=
Slide 8 - Tekstslide
5.4A De logaritme
2
lo
g
(
6
4
√
2
)
=
5
lo
g
(
1
2
5
1
)
=
2
lo
g
(
3
2
1
⋅
3
√
2
)
=
3
lo
g
(
8
1
5
√
2
7
)
=
2
lo
g
(
2
6
⋅
2
2
1
)
=
6
2
1
5
lo
g
(
5
−
3
)
=
−
3
2
lo
g
(
2
−
5
⋅
2
3
1
)
=
−
4
3
2
3
lo
g
(
3
4
⋅
3
5
3
)
=
4
5
3
Slide 9 - Tekstslide
Moeten we nog iets doen met de theorie van vorige keer?
Nee! We kunnen verder.
Ik wil nog wel een som samen doen
Ja, ik snap er niks van
Ja, ik ben nog niet begonnen met het huiswerk
Slide 10 - Poll
V Rekenen met machten
5.1 Machten met negatieve en gebroken exponenten
5.2 Machtsfuncties en wortelfuncties
5.3 Exponentiële functies
5.4 Logaritmen
wi 4V H5
Machten, exponenten en logaritmen
5.4B Logaritmische vergelijkingen
g
lo
g
x
=
y
⇒
x
=
g
y
2
lo
g
(
2
x
−
1
)
=
3
⇒
2
x
−
1
=
2
3
Slide 11 - Tekstslide
5.4B Logaritmische vergelijkingen
x
lo
g
(
1
0
0
0
)
=
3
3
lo
g
(
x
2
−
4
)
=
5
x
3
=
1
0
0
0
x
=
1
0
3
5
=
x
2
−
4
x
2
=
2
4
7
x
=
−
√
2
4
7
∨
x
=
√
2
4
7
Slide 12 - Tekstslide
V Rekenen met machten
5.1 Machten met negatieve en gebroken exponenten
5.2 Machtsfuncties en wortelfuncties
5.3 Exponentiële functies
5.4 Logaritmen
wi 4V H5
Machten, exponenten en logaritmen
5.4C De vergelijking
g
x
=
a
⇒
x
=
g
lo
g
(
a
)
3
x
+
1
=
8
0
⇒
x
=
3
lo
g
(
8
0
)
g
x
=
a
Slide 13 - Tekstslide
5.4C De vergelijking
3
x
+
2
+
3
x
=
6
0
0
2
x
=
2
4
−
2
2
x
−
1
3
x
⋅
3
2
+
3
x
=
6
0
0
9
⋅
3
x
+
3
x
=
6
0
0
g
x
=
a
1
0
⋅
3
x
=
6
0
0
3
x
=
6
0
x
=
3
lo
g
(
6
0
)
Slide 14 - Tekstslide
5.4C De vergelijking
x
x
+
2
+
x
x
=
6
0
0
2
x
=
2
4
−
2
2
x
−
1
g
x
=
a
2
2
x
−
1
+
2
x
=
2
4
2
2
x
⋅
2
−
1
+
2
x
=
2
4
2
1
⋅
(
2
x
)
2
+
2
x
=
2
4
(
2
x
)
2
+
2
⋅
2
x
−
4
8
=
0
4
x
=
4
8
x
=
4
lo
g
(
4
8
)
(
2
2
)
x
+
(
2
2
)
x
−
4
8
=
0
Slide 15 - Tekstslide
5.4C De vergelijking -75
a h
b
c
d
e
f
g
2
x
−
1
=
1
5
1
+
2
x
=
1
5
4
+
3
x
+
1
=
2
5
1
4
−
2
x
+
3
=
2
7
+
4
2
x
=
1
2
3
⋅
5
2
x
+
1
=
6
0
3
x
+
2
+
3
x
=
6
0
0
2
1
+
2
x
=
4
x
+
6
g
x
=
a
Slide 16 - Tekstslide
5.4C De vergelijking -75
a b
2
x
−
1
=
1
5
2
l
o
g
(
1
5
)
=
x
−
1
2
l
o
g
(
1
5
)
+
1
=
x
1
+
2
x
=
1
5
2
x
=
1
4
x
=
2
l
o
g
(
1
4
)
g
x
=
a
Slide 17 - Tekstslide
5.4C De vergelijking -75
c d
4
+
3
x
+
1
=
2
5
3
x
+
1
=
2
1
x
+
1
=
3
l
o
g
(
2
1
)
1
4
−
2
x
+
3
=
2
−
2
x
+
3
=
−
1
2
2
x
+
3
=
1
2
x
+
3
=
2
l
o
g
(
1
2
)
g
x
=
a
Slide 18 - Tekstslide
5.4C De vergelijking -75
e f
7
+
4
2
x
=
1
2
3
⋅
5
2
x
+
1
=
6
0
2
4
x
=
5
4
x
=
2
l
o
g
(
5
)
x
=
4
1
2
l
o
g
(
5
)
5
2
x
+
1
=
2
0
2
x
+
1
=
5
l
o
g
(
2
0
)
2
x
=
5
l
o
g
(
2
0
)
−
1
x
=
2
1
5
l
o
g
(
2
0
)
−
2
1
g
x
=
a
Slide 19 - Tekstslide
5.4C De vergelijking -75
g h
3
x
+
2
+
3
x
=
6
0
0
2
1
+
2
x
=
4
x
+
6
3
2
x
⋅
9
+
3
2
x
=
6
0
0
2
x
=
3
l
o
g
(
6
0
)
x
=
2
1
3
l
o
g
(
6
0
)
2
1
+
2
x
=
2
2
x
+
6
2
1
+
2
x
−
2
2
x
=
6
2
⋅
2
2
x
−
2
2
x
=
6
1
0
⋅
3
2
x
=
6
0
0
3
2
x
=
6
0
2
2
x
=
6
2
x
=
2
l
o
g
(
6
)
x
=
2
1
2
l
o
g
(
6
)
g
x
=
a
Slide 20 - Tekstslide
5.4C De vergelijking -76
a
4
x
=
2
x
+
2
−
3
2
2
x
=
2
x
+
2
−
3
(
2
x
)
2
=
2
x
+
2
−
3
(
2
x
)
2
=
2
x
⋅
2
2
−
3
(
2
x
)
2
=
2
x
⋅
4
−
3
(
2
x
)
2
=
4
⋅
2
x
−
3
g
x
=
a
Slide 21 - Tekstslide
vragen?
Slide 22 - Tekstslide
Hoe goed snap je het oplossen van logaritmische vergelijkingen
(5.4B en 5.4C)?
0
100
Slide 23 - Poll
Aan de slag
Slide 24 - Tekstslide
Aan de slag
Slide 25 - Tekstslide
Meer lessen zoals deze
wi 4V H5 4D V6
23 days ago
- Les met
37 slides
Wiskunde
Middelbare school
vwo
Leerjaar 4
wi 4V H5 3D4A
March 2025
- Les met
19 slides
Wiskunde
Middelbare school
vwo
Leerjaar 4
wi 4V H5 3A
February 2025
- Les met
32 slides
Wiskunde
Middelbare school
vwo
Leerjaar 4
wi 4V H5 3BC
March 2025
- Les met
22 slides
Wiskunde
Middelbare school
vwo
Leerjaar 4
wi 4V H5 1AB
January 2025
- Les met
17 slides
Wiskunde
Middelbare school
vwo
Leerjaar 4
wi 4V H5 2AB
January 2025
- Les met
35 slides
Wiskunde
Middelbare school
vwo
Leerjaar 4
wi 4V H5 V5
January 2025
- Les met
14 slides
Wiskunde
Middelbare school
vwo
Leerjaar 4
wi 4V H5 1C
January 2025
- Les met
17 slides
Wiskunde
Middelbare school
vwo
Leerjaar 4